Geschiedenis van België

Uit Wikikids
Ga naar: navigatie, zoeken
Geschiedenis van België
De Belgae
Romeinse tijd
Bourgondische Nederlanden
Habsburgse Nederlanden
Spaanse Nederlanden
Oostenrijkse Nederlanden
Verenigde Nederlandse Staten
Franse tijd
Verenigd Koninkrijk der Nederlanden
Belgische Revolutie
Koninkrijk België
Portaal : België

De geschiedenis van België is de naam van het verleden van het West-Europese land België. Hoewel het land pas sinds 1830 onafhankelijk is, heeft het door de jaren heen veel meegemaakt. België heeft bij veel landen gehoord en ook na de onafhankelijkheid is het land tweemaal bezet geweest.

Prehistorie

Het bekende verhaal van Ambiorix.

De geschiedenis van België gaat helemaal terug tot in de prehistorie. Toen kwamen de eerste mensen naar België toe. In West- en Noord-Europa woonden Neanderthalers. Neanderthalers waren familie van de huidige mens. Zo woonden deze mensen ook in het huidige België. Door vondsten uit het verleden weten we dat rond 500.000 v.Chr. België voor het eerst werd bewoond. Zo werd er gereedschap van jagers en vissers gevonden en ook skeletten. De eerste mensen heette de jager-verzamelaars. Ze leefden van de jacht, de visserij en het verzamelen van voedsel. Dit was ongeveer een dagtaak. Ook moest er vaak worden verhuisd, aangezien voedsel op een gegeven moment opraakte.

Ondertussen ontstond de landbouw. Vee werd om een weiland gezet, men ging gewassen verbouwen en het rondtrekken was afgelopen. Rond 4.000 v.Chr. ontstonden de eerste Belgische dorpjes. Toen bestonden deze uit 100 mensen. Tegenwoordig lijkt dit heel weinig (zeker als je weet dat een stad vaak meer dan 10.000 mensen heeft), maar voor die tijd was het erg veel. Ondertussen was de ijstijd over. Het klimaat werd warmer en het ijs begon te smelten. Men trok meer naar het noorden. Er ontstonden een soort van kleine volkjes. Zo leefden op de Haspengouw de Omalien. Sommige dorpen maakten slechts één product, zoals kleding. Hierdoor werd gehandeld met andere dorpen waardoor een economie ontstond.

Tijdens de ijzertijd ontstonden de eerste marktplaatsen en forten. In het zuiden leefden de Kelten en in het noorden de Germanen. Tussen de Seine en de Rijn woonden de Belgae. Zij hielden de Kelten en de Germanen uit elkaar. Zij waren eigenlijk de voorvaderen van de huidige Belgen. Midden-België werd overwoekerd door het Kolenwoud. Nog steeds zijn er stukken bos van dit oerwoud overgebleven. De Belgae joegen in dit woud, maar kenden ook landbouw. Het gezin was het belangrijkste binnen de cultuur. Ook ontstond er een soort van standen. Dit waren de adel, de geestelijken, de vrijen en de horigen.

De Romeinen

De provincie Gallia Belgica in het Romeinse Rijk.

Tussen 57 en 51 v.Chr. werd België onderdeel van het Romeinse Rijk onder leiding van Julius Caesar. Hoewel de Belgae zich overgaven, vonden er toch een aantal opstanden plaats. Keizer Augustus zorgde ervoor dat België een provincie werd van het Romeinse Rijk, met de naam Gallia Belgica. De provincie lag iets zuidelijker dan het huidige België. Door de Romeinen ontstonden de steden Doornik en Tongeren. In de Haspengouw werden grote landerijen aangelegd en aan de kust werd er gevist en zout gewonnen. Ook werden er veel stoffen gemaakt en de handel met Italië en Gallië groeide.

Na 256 n.Chr. staken de Franken de Rijn over. Ze plunderden en verwoesten veel steden en dorpen in Belgica. De Romeinse keizers in die tijd waren niet machtig genoeg om hun te stoppen, maar keizer Constantius I Chlorus lukte dit wel. In plaats van hun te verslaan, sloot hij een deal met de Franken. Zij moesten nu het gebied tussen Nijmegen en de zee gaan beschermen voor het Romeinse Rijk. Rond 297 werd Beligica in twee delen gesplitst. Het oostelijke gedeelte ging vanaf nu door het leven als Belgica Prima, terwijl het westelijke gedeelte als Belgica Secunda verderging.

In de 5de eeuw was het eigenlijk gedaan met het westelijke gedeelte van het Romeinse Rijk. In Belgica vielen de Hunnen binnen. In het noorden konden ze hun niet tegenhouden, maar in het zuiden lukte dit nog wel. Hierdoor ging in het noorden de cultuur en taal mengen met de die van de Germanen. Hierdoor ontstond een scheiding in het huidige België. Deze kennen we nog steeds en heet de taalgrens.

Middeleeuwen

Het Frankische Rijk

Het Gravensteen in Gent is in de middeleeuwen gebouwd.

De Franken waren niet echt één volk. Uiteindelijk werd in de chaos een nieuw land gesticht. Dit land werd geleid door de Merovingers, een dynastie. Zij zorgden er voor dat de hoofdstad verplaatst werd van Doornik naar Parijs. Hiermee werd het Frankische Rijk gesticht. Alles leek goed te gaan tot dat het rijk in tweeën werd gesplitst, Austrasië en Neustrië. De grens tussen twee delen liep dwars door België heen. Ondertussen waren de Alemannen verslagen. De koning bekeerde zich tot het christendom. Hierna begon hij het christendom te introduceren in België. Elk dorp had als centrum een kerk. Grotere plaatsen hadden een basiliek of een kathedraal. Later werd Karel de Grote koning van het Frankische Rijk. Hij was de machtigste vorst van het rijk en breidde het ook uit. Hierdoor werd hij gekroond tot keizer. De hoofdstad werd verplaats naar Aken. Er ontstonden in België veel dorpen. Karels opvolger, Lodewijk de Vrome, zorgde voor rust en hierdoor bloeide de landbouw op.

Ontstaan van kleine landjes

Na de dood van de Lodewijk de Vrome viel het Frankische Rijk in drie stukken uiteen, aangezien het moest verdeeld worden onder drie zonen. België behoorde tot het Oost-Frankische Rijk, wat uiteindelijk opging in het Heilige Roomse Rijk. Aangezien een groot rijk toentertijd moeilijk was te besturen, werd het leenstelsel bedacht. Hierbij kregen een graven een stuk land in leen van een koning of keizer. Zij moesten dit besturen, maar werden wel beschermd. Hierdoor ontstonden er eigenlijk allemaal kleine landjes. Dit waren het graafschap Vlaanderen, het hertogdom Brabant, het graafschap Henegouwen, het graafschap Loon, het prinsbisdom Luik, het hertogdom Limburg, het graafschap Luxemburg en het graafschap Namen.

Elk land had zijn eigen huis. Toch was er één groter land slim bezig. Door huwelijken en erfenissen kwamen alle landen in handen van het Hertogdom Bourgondië, op Luik na. Bourgondië verenigde de landen en zo ontstonden de Bourgondische Nederlanden.

De Bourgondiërs, Habsburgers en Spanjaarden

Ook in België werd de Tachtigjarige Oorlog uitgevochten. Zo zie je hier het Beleg van Oostende.

Daarvoor ging het al vanaf 1050 goed met België. Steenkool, natuursteen en laken waren belangrijke producten. Er werden jaarmarkten georganiseerd, waar veel buitenlandse kooplieden op af kwamen. Mensen verenigden zich in de gilden en steden in de Hanze. Meer mensen gingen werken in de industrie en in de handel. Hierdoor ontstonden steden. Aan de Belgische kust was men bezig met polders en in de landbouw kwamen vernieuwingen. Vooral Vlaanderen was rijk. Uit eindelijk werd Vlaanderen na Italië met meest verstedelijkte gebied van Europa. Vlaanderen was rijker dan Bourgondië zelf, waardoor veel grote bouwwerken werden gebouwd.

In de 14e eeuw was er een grote hongersnood. Doordat de bevolking was gegroeid was er maar net genoeg eten. Als er misoogsten waren, kon mensen zonder eten zitten. In de midden van de 14e eeuw stierf een derde van de Belgische bevolking aan de pest (de Zwarte Dood). 300 jaar lang kwam de pest om de 12 tot 20 jaar terug. Met Luik ging het beter. Deze streek was bekend door de productie van ijzer. Brugge werd een belangrijke handelsstad. De stad werd zo rijk, dat het het Venetië van het noorden werd genoemd. Later verzandde de haven van Brugge, waardoor Leuven, Antwerpen en Brussel de taak van handelsstad overnamen.

Uiteindelijk kwamen de Nederlanden in bezit van keizer Karel V. Hij maakte van het huidige Nederland en België één land, de Habsburgse Nederlanden. Het Huis Habsburg is namelijk het vorstenhuis dat toen regeerde. Zelf koos hij iemand voor hem om de Nederlanden te besturen. Dit werd Margaretha van Oostenrijk en later Maria van Hongarije. Zij waren landvoogdes. Toen Karel V troonsafstand deed, kwamen de Nederlanden in bezit van zijn zoon (de Spaanse Nederlanden). Dit was de Spaanse koning Filips II. Ondertussen werden de Nederlanden protestants, maar de Spaanse koning was katholiek. Het noorden (het huidige Nederland) was vooral protestants, terwijl het zuiden (het huidige België) katholiek bleef. De Noordelijke Nederlanden wilden onafhankelijkheid en uiteindelijk brak hierdoor de Tachtigjarige Oorlog uit. Na de Unie van Utrecht bleven de zuidelijke Nederlanden over.

In 1588 riep het noorden de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden uit. De Zuidelijke Nederlanden werden door de Oostenrijkse aartshertogen bestuurd. Het Huis Habsburg regeerde namelijk ook in Oostenrijk. Het noorden verbond zich met Frankrijk, waardoor beide landen gebieden van de Zuidelijke Nederlanden innamen. Artesië (naar Frankrijk), Noord-Brabant en Limburg (naar de Noordelijke Nederlanden) werden op die manier ingenomen. Tijdens de Spaanse Successieoorlog kwamen de Zuidelijke Nederlanden in bezit van het noorden. Herenigd werden ze niet. De Vrede van Utrecht bepaalde dat de Zuidelijke Nederlanden moesten worden gegeven aan Oostenrijk. Hierdoor ontstonden de Oostenrijkse Nederlanden.

De Oostenrijkers en de Verenigde Nederlandse Staten

De Oostenrijkse Nederlanden ontstonden in 1713. Het grondgebied leek een beetje op het huidige België, maar dan zonder Luik. Ook het huidige Luxemburg viel eronder. De Oostenrijkers waren veel van plan met België. Zo wilden ze de welvaart herstellen, een onderwijssysteem maken en de vrijheid van godsdienst invoeren. Eigenlijk ging dat allemaal goed, tot 1789. Een aantal jaar eerder vond de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog plaats. In België, maar ook in Luik en Frankrijk ontstonden revoluties. Men wilde de standen afschaffen. De opstand in België noemen we de Brabantse Omwenteling.

Het nooit afgemaakte Grand Canal du Nord

Dat de keizer van Oostenrijk, heerser der Oostenrijkse Nederlanden weinig deed was de oorzaak van de revolutie. Op 11 januari 1790 werden de Verenigde Nederlandse Staten opgericht. Er kwam een leger, maar het Oostenrijkse leger versloeg deze en de Oostenrijkse Nederlanden kwamen weer onder zwaar Oostenrijks bestuur. Toch voelde men iets voor een aparte staat. Met Oostenrijk werd zelfs onderhandeld voor meer zelfstandigheid.

Franse bezetting

Frankrijk had al gebieden van de Zuidelijke Nederlanden ingenomen. Hierbij vielen de Fransen ook vaak het land binnen. De zuidelijke gewesten van de Zuidelijke Nederlanden waren immers Franstalig. Tijdens de Franse Revolutie in 1792 vielen de Franse troepen opnieuw de Zuidelijke Nederlanden binnen. Ze botsten in Jemappes met het Oostenrijkse leger, waardoor de Slag bij Jemappes ontstond. De Fransen wonnen en bij de Slag bij Fleurus wonnen ze opnieuw. In 1795 werden de Oostenrijkse Nederlanden onderdeel van Frankrijk. De gewesten werden vervangen door negen departementen. Onder andere de Napoleonsweg werd aangelegd en er werd begonnen aan het Grand Canal du Nord, wat nooit af werd gemaakt.

In de Noordelijke Nederlanden werd, met behulp van Frankrijk, een echte republiek gemaakt. Deze heette de Bataafse Republiek. Alle generaliteitslanden werden aan Frankrijk gegeven en bij het de Belgische departementen gevoegd. Toch was Napoleon ontevreden. Hij maakte zijn broer koning van Holland, maar toen dat ook niet hielp, besloot hij Nederland bij Frankrijk te voegen.

Ondertussen vond in België de Boerenkrijg plaats. Luxemburgse, Brabantse en Vlaamse boeren (de brigands) kwamen in opstand tegen de Franse bezetters (de sansculotten). Er waren genoeg redenen. De Fransen sloten de kerken, de belastingen waren hoog en priesters werden vervolgd. In het plaatsje Ter Hilst bij Hasselt werd het Boerenleger verslagen door de Fransen.

Na de Slag bij Leipzig in 1813 werd Napoleon verslagen. Hij werd vervangen naar Elba. In Europa was de restauratie begonnen. Het Congres van Wenen zorgde ervoor dat alles goed verliep. Men wilde rondom Frankrijk sterke landen maken, zodat de Fransen niet zo makkelijk hun rijk konden uitbreiden. België moest daarom samen met Luxemburg en Nederland één verenigd koninkrijk vormen. De koning van dat nieuwe land werd de zoon van de laatste stadhouder, koning Willem I. Toen het Congres nog bezig was, was het een shock toen men hoorde dat Napoleon ontsnapt was van Elba. Hij zou opnieuw keizer van Frankrijk worden, precies 100 dagen lang. Napoleon werd definitief verslagen tijdens de beroemde Slag bij Waterloo in 1815. Het Franse leger werd verslagen door dat van de Nederlanders, de Pruisen en de Britten. Napoleon werd verbannen naar Sint-Helena.

De zoon van de Nederlandse koning, die later koning Willem II werd, vocht mee in de slag. Zijn vader bleef liever in Nederland. Aangezien hij zo trots was op zijn zoon liet hij bij Waterloo een groot standbeeld bouwen, de Leeuw van Waterloo. Hij staat precies op de plek waar de prins een schot in zijn schouder kreeg.

Onderdeel van Nederland

Een jaar voordat Napoleon werd verslagen, werden in 1814 België en Nederland verenigd tot één land. Dit zou het koninkrijk der Nederlanden gaan heten, maar omdat Nederland officieel nog steeds zo heet, wordt het koninkrijk in deze periode het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden genoemd. De Nederlandse koning zou ook groothertog van Luxemburg worden, maar dit hoorde niet bij het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Het parlement zat het ene jaar in Den Haag en het andere jaar in Brussel. Willem I zorgde ervoor dat de economie weer aansloeg en zorgde voor industrie in de Zuidelijke Nederlanden. Ook breidde hij het onderwijs uit en wilde hij het Nederlands de officiële taal maken in Vlaanderen.

Toch waren er grote verschillen tussen het noorden en het zuiden. De Belgen vonden dat Willem I het noorden voortrok. Vooral de Franstalige katholieken waren tegen de koning. In de jaren 20 van die eeuw ontstond een soort van afkeer tegen de politiek van de koning. Ondertussen was in Frankrijk de Julirevolutie bezig. Dit leidde tot veel relletjes in 1830 te Brussel. Op een avond werd een operavoorstelling opgevoerd, De Stomme van Portici. Je kan eigenlijk wel stellen dat een operavoorstelling het startschot was van de Belgische Revolutie. De Brusselse bevolking kwam in opstand en zelfs de burgerwacht koos hun kant. Huizen van rijke Nederlanders werden geplunderd en veel werd er gesloopt. Andere plaatsen volgden. Zelfs in het Nederlandse Venlo werden de Belgen met klokgelui binnengehaald. In alle chaos lukte het om het Voorlopig Bewind tot stand te brengen. Op 4 oktober 1830 riep België de onafhankelijkheid uit en een jaar later kreeg het land een grondwet.

Onafhankelijkheid

Op 4 november 1830 werd de scheiding tussen Nederland en België erkend. Zoals het in die tijd ging, zocht een land een koning om het land te besturen. Surlet de Chokier werd hierdoor tijdelijk regent tot dat er een koning werd gevonden. In het huidige Duitsland lag het hertogdom Saksen-Coburg en Gotha. Leopold van Saksen-Coburg-Gotha kwam uit de hertogelijke familie van dit land en werd gevraagd om koning der Belgen te worden. Hij wilde dit graag en werd op 21 juli officieel de eerste koning der Belgen. Hierdoor wordt op die dag nog steeds de nationale feestdag van België gevierd. Een maand later viel het Nederlandse leger België binnen onder leiding van kroonprins Willem II. Men kwam binnen via Limburg en Turnhout. Deze veldtocht noemen we de Tiendaagse veldtocht. Het Nederlandse leger won van de Belgen, maar de Fransen dwongen het leger om België te verlaten. Pas in 1839 werd België door Nederland erkend door koning Willem I. Hij eiste om Limburg en Luxemburg volledig in handen te blijven. Toch ging dit niet zomaar, de Belgen wilde dit ook. Uiteindelijk ging het oostelijke gedeelte van Limburg naar Nederland (de tegenwoordige provincie (Nederlands-)Limburg). Het westelijke gedeelte werd aan de Belgen gegeven, die er hun provincie (Belgisch-)Limburg van maakten. Het Duitstalige gedeelte van Luxemburg (het huidige land Luxemburg) bleef van de Nederlandse koning, maar werd aan het einde van de 19e eeuw onafhankelijk van de koning. Het Franstalige gedeelte kregen de Belgen en maakten er hun provincie Luxemburg van. Het Verdrag van Maastricht regelde de grens tussen de twee landen.

Ten oosten van België lag ooit het landje Neutraal Moresnet. Omdat Nederland en Pruisen het in 1816 niet eens konden worden over de grens werd het land opgericht. Nederland en Pruisen bestuurde het gebied gezamenlijk. Na de Belgische onafhankelijkheid bestuurden België en Pruisen dit gezamenlijk.

19e eeuw en begin 20e eeuw

Koning Albert I en zijn vrouw brengen een bezoek aan Belgisch-Congo.

Al snel kwam er meer industrie in België. De mijnen en het bewerken van metaal waren erg belangrijk voor de Belgische economie. Tussen Brussel en Mechelen werd de eerste spoorlijn op het Europese vasteland aangelegd. Al snel kwam er een verbinding tussen de Antwerpse haven en Duitsland, de IJzeren Rijn. Er kwamen banken en verzekeringsmaatschappijen naar België. Toch was er ook een keer zijde. Veel Belgen leefden in armoede, waardoor er regelmatig stakingen en opstanden van arbeiders waren. Hierdoor kwamen er allerlei wetten die het leven van de Belgen fijner moesten maken (de zogeheten sociale zekerheid). Ondertussen was de België Franstalig geworden, terwijl men in het noorden Nederlands sprak. Hierdoor ontstond een taalstrijd. De Vlaamse Beweging zorgde ervoor dat deze problemen werden opgelost. In 1898 werd er een wet ingesteld waarmee het Nederlands en het Frans gelijk aan elkaar werden en dus beide officiële talen werden.

België was sinds 1831 een neutraal land en bemoeide zich niet met de buitenlandse politiek. Aangezien België heel lang niet onafhankelijk was geweest, had het land, anders dan andere Europese landen, geen koloniën. Koning Leopold II vond dat daar verandering in moest komen. In de wereld vond een soort van wedloop om Afrika plaats. Ieder land wilde een stuk Afrika hebben, België ook. België kreeg de Congo-Vrijstaat met de Belgische koning als staatshoofd in 1885. In 1890 konden er nog veel meer gebieden veroverd worden. Het geld hiervoor werd geleend bij de staat. Hierdoor werd de Congo-Vrijstaat maar liefst 80 keer zo groot als België zelf. Congo-Vrijstaat was eigenlijk geen Belgische kolonie, maar meer privébezit van de koning. Hij voerde daar een waar schrikbewind. Kinderen die niet hard genoeg werkten werd de handen afgehakt. Toen deze gruweldaden aan het licht kwamen, in 1908, werd Congo officieel een kolonie van België onder de naam Belgisch-Congo. Later verkreeg België ook nog Ruanda-Urundi, Santo Tomás, een stukje Tianjin en Isola Comacina, maar dit was niet succesvol. Ook in Brazilië, de Canarische Eilanden en de Azoren werden pogingen gedaan.

In 1893 mocht iedere man boven de 25 jaar stemmen.

Eerste Wereldoorlog

In Flanders Fields the poppies blow. Between the crosses, row on row. (In de Vlaamse velden bloeien de klaprozen. Tussen de kruizen, rij aan rij.)

Als neutraal land hoef je eigenlijk geen zorgen te maken over oorlog, toch? Neutrale landen kiezen immers geen zijde en worden daarom ook niet aangevallen. Ook wordt aanvallen van een neutraal land als ergere misdaad gezien dan een niet-neutraal land. België dacht tijdens de Eerste Wereldoorlog ook op deze manier, maar uiteindelijk bleek het allemaal anders te lopen.

Maar waar ging die oorlog eigenlijk over? In Europa waren allerlei machtige landen die graag de beste wilden zijn. Een groot leger en trots op eigen land. Eigenlijk kun je stellen dat er een bom was, maar de vraag was wanneer deze precies afging. De bom bleek af te gaan na de moord op Frans Ferdinand van Oostenrijk-Este, de troonopvolger van Oostenrijk-Hongarije. De dader bleek een Bosnische Serviër te zijn, als wraak, want Bosnië was net bezet door Oostenrijk-Hongarije terwijl het bij Servië wilde horen. De Duitse keizer zei dat Oostenrijk-Hongarije Servië moest dwingen om zich over te geven binnen 24 uur, maar Rusland dreigde hierdoor met oorlog aan Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. Frankrijk deed hetzelfde met Duitsland, waarna een oorlog uitbrak, de Eerste Wereldoorlog. Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Rusland (tot 1917) en de Verenigde Staten (vanaf 1917) vormden de Geallieerden en Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, Italië en het Ottomaanse Rijk vormden de Centralen.

Duitsland dacht eerst even snel Frankrijk te verslaan en vervolgens tegen Rusland te strijden. Aangezien de Franse grens goed bewaakt was, koos de Duitse keizer een andere route. Op 4 augustus 1914 viel het Duitse leger het neutrale België binnen. De Britten waren woest en verklaarden de oorlog aan Duitsland. Via België wilde men naar Frankrijk komen. De Belgen konden alleen maar de mars van het Duitse leger vertragen. Via loopgraven probeerde men land te veroveren. Men sprong dan uit een loopgraaf, maar stierf vaak vervolgens voor slechts een nieuwe meter land. Om de Duitsers tegen te houden zetten de Belgen de IJzervlakte onder water, wat voor de slag aan de IJzer zorgde. De koning weigerde nog het leger verder te laten vechten en bleef in België, maar de regering vertrok naar Le Havre.

Eind 1918 werd België bevrijd. Bij het Verdrag van Versailles werd verklaard dat België niet meer neutraal was, aangezien het zich bij de Geallieerden heeft gevoegd. België nam de kolonies Ruanda-Urundi over van Duitsland en nam Neutraal Moresnet in. Honderdduizenden mensen vonden de dood en nog eens een miljoen Belgen vluchtte naar Nederland. Het bekendste gedicht over deze oorlog is In Flanders Fields. Na het binnenvallen waren alle planten op de velden kapot of dood. Op de kale grond groeiden alleen nog klaprozen, ook tussen de kruizen van de overledenen.

Tussen twee oorlogen in

Nederland was niet neutraal geweest tijdens de Eerste Wereldoorlog vonden de Belgen. Ze hadden de Duitse troepen door Limburg laten terugtrekken. Hiervoor wilden de Belgen Nederlands-Limburg en Zeeuws-Vlaanderen hebben. Nederland wilde om het goed te maken het Antwerpen-Rijnkanaal door deels door Nederland laten lopen en eraan mee betalen. Toch zou de relatie met België tot na de Tweede Wereldoorlog stroef blijven. Pas in 1925 ging het weer wat beter met de economie. Premier Henri Jaspas zorgde hiervoor. Ook kwam er minimumloon en mocht een werkdag maximaal acht uren duren.

Tweede Wereldoorlog

België zou opnieuw verstrikt raken in een nieuwe oorlog, dit maal de Tweede Wereldoorlog. Op 10 mei 1940 viel het Duitse leger, Nederland, Luxemburg en België binnen. De Belgische luchtmacht werd door bombardementen vernietigd en de Duitse troepen trokken door de Ardennen. De Belgen lieten de Duitsers de Schelde oversteken. "Om de mooie huizen in Brussel te beschermen", zei de woedende Franse pers. Aan de Leie werd een zware slag geleverd. Op 28 mei was het einde spel en was België veroverd. De Belgische koning probeerde een vredesverdrag op te stellen met al zijn ministers. Toch ging de koning niet weg bij zijn volk en bleef tijdens de gehele oorlog in België. Alexander von Falkenhausen werd door Duitsland aangesteld om de rust te bewaren in België. Uit verzet werden telefoonkabels onderbroken en informatie doorgespeeld naar de Geallieerden. De regering was gevlucht naar Londen, waar het voor hun moeilijk was om erkenning te krijgen. Tussen 2 en 12 september 1944 werd België grotendeels bevrijd door Canadezen, Amerikanen, Polen en Britten. Pas in januari 1945 was België definitief bevrijd, maar leed nog tot 7 mei onder bombardementen. De Belgische koning, die gevangen zat op Kasteel van Laken, mocht weer regeren.

Wederopbouw en daarna

De indeling van het nieuwe, huidige België.

België was zwaar getroffen en veel moest hersteld worden. Met de wederopbouw werd dan ook snel begonnen met hulp van de Verenigde Staten. Veel politieke partijen veranderden van naam. Al snel kwamen er weer kwesties in België.

De eerste kwestie was de koningskwestie. Koning Leopold III beschouwde zichzelf als krijgsgevangene. Hij zag dat België niet tegen Duitsland op kon en legde de strijd dan ook neer. Toch had hij een bezoek aan Adolf Hitler gebracht, wat voor verontwaardiging zorgde. De één was van mening dat de koning iets goeds had gedaan, maar de ander weer niet. De strijd werd steeds feller en het leek erop dat er bijna een burgeroorlog zou uitbreken. Koning Leopold III loste dit op door in 1951 af te treden, zodat zijn zoon Boudewijn koning kon worden.

Een tweede kwestie was die van scholen. Na de Tweede Wereldoorlog gingen steeds meer kinderen naar de middelbare school. In die tijd waren er twee soorten onderwijs, het officieel en het vrije onderwijs. Het officieel onderwijs kostte minder inschrijvingsgeld, maar had veel minder scholen dan het officieel onderwijs. Hierdoor konden leerlingen geen goede schoolkeuze maken. Deze "strijd" heet de schoolstrijd. Uiteindelijk werd deze in 1958 opgelost door het inschrijvingsgeld af te schaffen.

Ondertussen sloeg in Belgisch-Congo de sfeer om. In de jaren 50 wilde steeds meer mensen een onafhankelijk Belgisch-Congo. In de hoofdstad Leopoldstad was het onrustig. Op 30 juni 1960 was het zo ver. Congo-Kinshasa was onafhankelijk. Burundi en Rwanda werden in 1962 onafhankelijk en daarmee was het gedaan met de Belgische koloniën. Ondertussen startte in 1944 de Benelux tussen België, Nederland en Luxemburg. De drie landen werkte samen op het gebied van justitie en vrij verkeer van goederen. Later werd de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal opgericht tussen België, Nederland, Luxemburg, West-Duitsland, Frankrijk en Italië in 1952. Deze unie zou uiteindelijk de Europese Unie worden. Ook is België in 1949 lid geworden van de NAVO.

De eeuwige taalstrijd ging maar voort. In 1962 werd de taalgrens vastgesteld. Hiermee was de scheiding tussen het Frans en Nederlands duidelijk. Er kwamen faciliteitengemeenten die waar meerdere landstalen konden worden aangeboden.

Ondertussen de hielden de praktijken van Marc Dutroux en de Bende van Nijvel de bevolking in zijn greep.

Een "nieuw" België

Koning Filip en koningin Mathilde tijdens de troonwisseling in 2013.

België is een bijzonder land op het gebied van taal en cultuur. In het noorden wonen de Vlamingen, in het zuiden de Walen en alsof het niet genoeg is zijn er ook nog Duitstalige Belgen. Vanaf 1970 werd het duidelijk dat de taalwetten alleen niet genoeg waren. België was een eenheidsstaat, die direct in provincies was onderverdeeld. Toen nog 9, Vlaams- en Waals-Brabant waren samen de provincie Brabant met Brussel erbij. Het zou tot in 1993 duren tot er iets veranderde. Vlaanderen en Wallonië werden de gewesten. Brabant werd opgeheven en verdeeld in twee provincies. Eén provincie werd gegeven aan elk gewest. Om te zorgen dat Brussel voor alle Belgen bleef, is het Brussels Hoofdstedelijk Gewest opgericht. De gemeenschappen deden hun intrede, een Vlaamse, een Franse en een Duitse.

Uiteindelijk overleed Koning Boudewijn in 1993 en zijn broer Albert volgde hem op. In 2013 kreeg België zijn huidige koning, Filip I.

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Geschiedenis_van_België&oldid=457015"