Verbeter WikiKids vandaag nog!

Italië

Uit Wikikids
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Flag of Italy (1946–2003).png Over dit artikel en/of onderwerp bestaat er ook een portaal! Klik hier om het portaal te bekijken!
Italiaanse Republiek
Repubblica Italiana

Flag of Italy.svgEmblem of Italy.svg EU-Italy.svg

Hoofdstad Rome
Aantal inwoners 59.045.521 (2021)
Oppervlakte 301.339 km²
Regeringsvorm Parlementaire republiek
President Sergio Mattarella (sinds 2015)
Premier Giorgia Meloni (sinds 2022)
Godsdienst Christendom (84,4%)
Geen religie (11,6%)
Islam (1,0%)
Overig (3%)
Taal Italiaans (italiano)
Munteenheid Euro
Volkslied Il Canto degli Italiani
Nationale feestdag Dag van de Republiek (2 juni)
Landcode ITA
Portaal Portal.svg Italië
Een kaart van Italië

Italië is een land in het zuiden van Europa. Italië grenst in het noordwesten aan Frankrijk, in het noorden aan Zwitserland en Oostenrijk en in het noordoosten aan Slovenië. In Italië liggen ook twee kleine landjes; namelijk San Marino en Vaticaanstad. Het land ligt op een schiereiland en wordt omringt door het water van de Middellandse Zee. Dit schiereiland heeft de vorm van een laars, waardoor het ook wel de laars van Italië genoemd wordt. Italië is hierdoor erg makkelijk te herkennen op de kaart. In Italië wonen 58,9 miljoen mensen en de hoofdstad is Rome. Het land is onderdeel van de Europese Unie en betaalt met de euro.

Het land heeft een lange geschiedenis, die teruggaat tot in de oudheid. Vanuit de hoofdstad Rome is toen het Romeinse Rijk ontstaan dat op het hoogtepunt het hele gebied rond de Middellandse Zee in beslag nam. Nog altijd zijn veel overblijfselen uit deze tijd in Italië te vinden. Tijdens de middeleeuwen was het noorden van Italië een van de rijkste regio's van Europa, mede door handelssteden als Venetië. Aan het einde van de middeleeuwen is de Renaissance in Italië ontstaan, die zich later over heel Europe verspreidde. Italië bestond tot 1861 uit allerlei landjes, die min of meer dezelfde taal, geschiedenis en cultuur hadden. Met de risorgimento werden al deze landjes verenigd tot één land; het koninkrijk Italië. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vocht Italië aan de kant van de Centralen, maar stapte later over naar de Geallieerden. Na de oorlog kwam Benito Mussolini aan de macht. Hij maakte van Italië een fascistische staat en werd bondgenoten met Nazi-Duitsland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht het land aan de kant van de Asmogendheden, maar stapte later over naar de Geallieerden. Na de oorlog schafte Italië de monarchie af. Sinds 1946 is Italië een republiek.

Italië heeft een rijke cultuur met schrijvers als Dante Alighieri en componisten als Antonio Vivaldi. Het land staat bekend om zijn mode, opera, Romeinse ruïnes (zoals het Colosseum) en de Toren van Pisa. Ook zijn Italiaanse gerechten, zoals pizza, pasta en Italiaanse koffie, wereldberoemd. Daarnaast is het land een geliefde vakantiebestemming, vanwege zijn stranden, steden, natuur en meren.

Geschiedenis

Geschiedenis van Italië
Romeinse Rijk
Rijk van Odoaker
Ostrogotische Rijk
Longobardische Rijk
Koninkrijk Italië (774-962)
Heilige Roomse Rijk
Koninkrijk Italië (1805-1814)
Risorgimento
Koninkrijk Italië (1861-1946)
Eerste en Tweede Wereldoorlog
De Italiaanse Republiek
Portaal : Italië

Voor de Romeinen

Voor de Romeinen leefden er in Italië verschillende volkeren met elk een eigen cultuur. De oudste gevonden resten komen uit 6000 v.Chr. en zijn gevonden op Sardinië. Later kwamen er grotere volkeren in Italië wonen. Tussen de Tiber en de Arno gingen de Etrusken wonen. Tussen de 7e en 5e eeuw voor Christus had deze bevolkingsgroep hun hoogtepunt. Net als de Romeinen hadden de Etrusken een hoogontwikkelde cultuur.

Vanaf 800 v.Chr. werd het zuiden van Italië gekoloniseerd door de Grieken. Je moet weten dat de Grieken eerder waren dan de Romeinen. Ze hadden vele koloniën rond de Middellandse Zee. Ze vestigden zich langs de kust. In de binnenland leefden de oorspronkelijke bewoners. Steden als Napels kregen later een grote invloed op de cultuur van de Romeinen. Veel oorspronkelijke bewoners zagen de Grieken als bedreiging. De Griekse koloniën in Italië werden samen Magna Graecia genoemd.

Tussen de Grieken en de Etrusken in woonde in het midden van Italië een ander volk, de Romeinen.

Het Romeinse Rijk

Het Romeinse Rijk op zijn grootst

De Romeinen leefden in de stad Rome. In het begin heersten ze alleen over deze stad en het gebied eromheen. Eerste veroverde de Romeinen de omliggende steden, daarna versloegen ze de Grieken in het zuiden en de Etrusken in het noorden. Italië was nu volledig in handen van de Romeinen, maar het Romeinse Rijk bleef groeien. Eerst was er oorlog met de stad Carthago. Nadat deze stad verslagen was, veroverden de Romeinen de koloniën van de Grieken en de Carthagers rond de Middellandse Zee.

Het Romeinse Rijk was eerst een koninkrijk, maar werd gedurende een paar eeuwen een republiek. De republiek bestond uit meerder senatoren die een twee consuls kozen voor een halfjaar. In noodsituaties kon een dictator worden benoemd die dan orde op zaken moest stellen. Er was in het Romeinse Rijk op een gegeven moment echter veel onrust. De generaal Julius Caesar werd uiteindelijk tot dictator gekozen. Aangezien het volgens hem een noodsituatie was, trok hij de macht naar zich toe en zorgde ervoor dat hij dictator bleef voor langere tijd. Hij wilde de monarchie herstellen, maar veel senatoren zaten hier niet op te wachten. In 44 v.Chr. zou Julius Caesar worden vermoord door de senatoren. Zijn adoptiezoon Augustus nam hierna het roer over, aangezien er weer onrust was in het Romeinse Rijk. Hij veroordeelde de senatoren en maakte van het Romeinse Rijk weer een monarchie, maar dan geen koninkrijk, maar een keizerrijk. Augustus was de eerste keizer van het Romeinse Rijk en onder hem was er een tijd van rust en vrede in het Romeinse Rijk (de Pax Romana). Na een paar "gekke" keizers, zoals Nero, werd besloten dat de keizer iemand kon adopteren als zoon en dat die dan keizer zou worden. Vaak was dit een generaal. Onder keizer Trajanus bereikte het Romeinse Rijk zijn hoogtepunt. Hierna waren er geen nieuwe veroveringen of goede keizers meer.

Het Colosseum een overblijfsel uit de Romeinse tijd.

De reden waarom het Romeinse Rijk veroverd kon worden was te danken aan de goede militaire kwaliteiten. In het Romeinse Rijk stond het leger hoog in het aanzien en was tactiek erg belangrijk. Julius Caesar zou hebben gezegd: "Vedi, Vidi, Vici" (Ik kwam, ik zag, ik overwon) en dat bewees de kwaliteit van de Romeinen ook. Daarnaast waren de Romeinen tolerant. Veel veroverde volkeren konden ook Romeins staatsburger worden. Daarnaast mochten de veroverde volkeren hun eigen godsdienst uitoefenen, mits ze die van de Romeinen en de keizer aanbaden. Christenen weigerden dit, aangezien in de Bijbel stond dat dit niet mocht. Aanvankelijk werden zij vermoord, maar uiteindelijk zou het Romeinse Rijk christelijk worden. Ook hielpen de Romeinen de nieuwe volkeren. Zo maakten ze wegen en nieuwe steden. De cultuur van veroverde volkeren werd langzaam Romeins gemaakt, dit noemen wen romanisering. De Romeinse cultuur was overigens geïnspireerd op die van de Grieken. De Romeinen vonden de Griekse cultuur zo mooi dat ze deze overnamen en uitbreidden. Dit zie je vooral aan de goden, die andere namen kregen, en de gebouwen, het gebruik van zuilen.

Het Romeinse Rijk was inmiddels zo groot geworden dat het niet goed te verdedigen en te besturen was. De oplossing was simpel: Het rijk werd in tweeën verdeeld; het Oost- en West-Romeinse Rijk. Na een tijdje verliet keizer Constantijn de Grote de hoofdstad Rome en ging in Constantinopel (het huidige Istanboel) wonen. Het West-Romeinse Rijk raakte in verval. Ondertussen was er een ander probleem; de Hunnen breidden hun macht uit naar Europa. Zij verdrongen andere volkeren, die weer door het de grenzen van het West-Romeinse Rijk wisten te breken. Deze volkeren veroverde dit rijk en het West-Romeinse Rijk zou vallen. Deze gebeurtenis heet de Grote Volksverhuizing.

Het Oost-Romeinse Rijk bleef nog een aantal eeuwen voortbestaan onder de naam; het Byzantijnse Rijk.

De middeleeuwen

Italië tijdens de Middeleeuwen

Na de val van het West-Romeinse Rijk werd Italië onderdeel van verschillende landen. Het was onderdeel van het Rijk van Odoaker, het Ostrogotische Rijk en het Longobardische Rijk. In grote lijnen volgden deze rijken elkaar op, maar in Italië bleef een belangrijk persoon wonen; de paus. Hij woonde nog altijd in Rome. Hoewel de Romeinen weg waren, waren de overheerste Europese gebieden nog grotendeels christelijk. Sterker nog, het christendom breide zich uit. De Oost-Romeinse keizer deed echter pogingen zijn West-Romeinse Rijk weg terug te veroveren. In Zuid-Italië won de keizer terrein, maar de Longobarden voelden zich bedreigd hierdoor en sloegen terug. De paus greep in en vroeg hulp van een bijzonder vorst, Pepijn de Korte. Vanwege zijn hulp bekroonde de paus Pepijn tot koning van het Frankische Rijk. Pepijn veroverde allerlei gebieden en gaf een paar aan de paus. Dit zo uiteindelijk ertoe leiden dat de paus een eigen lang kreeg; de Kerkelijke Staat. De veroverde gebieden in het noorden van Italië vormden samen het Koninkrijk Italië.

In het Frankische Rijk zelf ging het echter niet heel erg goed, er waren wat ruzies in de keizerlijke familie. Het rijk viel uiteindelijk uiteen en dat zorgde voor onrust in het Koninkrijk Italië. Nu was dit niet langer onderdeel van het Frankische Rijk, maar een zelfstandig koninkrijk. Toen in 960 de koning van het Koninkrijk Italië het noorden van de Kerkelijke Staat bezette, riep de paus de hulp van de koning van Duitsland. Uit dank voor de hulp kroonde de paus de koning tot keizer en het Koninkrijk Italië en de Kerkelijke Staat werden onderdeel van het Heilige Roomse Rijk. Zijn opvolger vond het Koninkrijk Italië niet interessant en richtte zich op de Alpen. De Italiaanse havensteden maakten hier handig gebruik van. Door de toegenomen zelfstandigheid ontstonden de Maritieme Republieken. Later zou een andere keizer een wet maken die de steden minder zelfstandigheid gaf. De steden pikten dit echter niet, dus richtten ze samen de Lombardische Liga op. De Liga wist tijdens de Slag bij Legnano de keizer te verslaan en hiermee ondertekende de keizer de zelfstandigheidsverklaring van de steden, maar hij erkende deze pas jaren later.

Keizer Hendrik VI zorgde ervoor dat Italië zich tijdelijk zou verenigen, maar de paus hield hem tegen, door hem af te zetten als keizer. Hierdoor konden de steden zich vrijer ontwikkelen. Dit ging echter fout tijdens het Babylonische ballingschap der Pausen. Toen woonde de paus in Frankrijk. Nadat de paus terugkeerde wisten de steden zich verder te ontwikkelen en werden ze rijk door de handel.

De Renaissance

Het hoogtepunt van de renaissance.

In de late middeleeuwen ontstonden er dus handelssteden, zoals Venetië, Milaan en Florence, in het noorden van Italië. Sommige werden rijk door de handel en zo ontstond er een rijke toplaag in de steden. Ze waren rijk geworden door de handel met het Midden-Oosten en de rijke steden in Vlaanderen (toen één van de rijkste gebieden in Europa). De Italiaanse handelaren wilden laten zien dat de geld hadden. Ze bouwden grote huizen en lieten kunstenaars beelden en schilderijen maken. In Noord-Italië ontstond een nieuw levensgevoel. In de middeleeuwen zei de Kerk tegen de mensen dat men goed moest leven, anders kwam men niet in de hemel. Men moest denken aan wat in de Bijbel stond en aan het leven na de dood. Het levensbeeld toen kun je samenvatten in de zin memento mori (gedenk te sterven). Het levensbeeld van de handelaren veranderde echter. Ze vonden dat het leven voor de dood ook belangrijk moest zijn. Hun levensbeeld kun je ook samenvatten in een zin carpe diem (pluk de dag).

De rijke handelaren kregen belangstelling voor het erfgoed van de Romeinen. De theaters, tempels en badhuizen stonden het meest in Italië. Bovendien konden de handelaren zich vinden in het werk van de Grieken en Romeinen. De Grieken en Romeinen zagen het leven na de dood somber in. Volgens hen was het geen paradijs, zoals de hemel, maar een duistere plek. Daarvoor leefde ze in het hier en nu. De handelaren zagen de middeleeuwen als donkere periode tussen de Klassieke Oudheid en de tijd waarin zij leefden, de Renaissance. Vanuit Italië zou de renaissance zich over heel Europa verspreiden.

Tijdens de renaissance veranderden er een aantal dingen. Veel geleerden gingen de originele teksten uit de oudheid vertalen. Tijdens de Middeleeuwen was dit ook gebeurd, maar ze hadden de teksten aangepast. Er waren dus fouten ontstaan. De geleerden gingen de teksten herstellen en voorzagen ze ook van uitleg. Veel hogere burgers gingen op de duur ook deze vertaalde werken lezen. Daarnaast gingen de mensen zich op verschillende terreinen ontwikkelen. Leonardo da Vinci was daar één van, hij was een Uomo Universalis (de universele mens). Hij was o.a. musicus, wetenschapper, schilder en ontwerper. Hij is vooral bekend van zijn talloze ontwerpen (zoals die van het vliegtuig) en de Mona Lisa (een schilderij van vrouw met een mysterieuze glimlach). Een ander bekend iemand uit deze tijd was Michelangelo. Hij zo zoveel zelfvertrouwen en status als kunstenaar hebben gehad, dat hij zelfs de paus tegensprak. Toch werd hem gevraagd om het plafond van het Sixtijnse Kapel te schilderen. Ook Columbus was een Italiaan. Van zijn route naar Indië moesten ze in Italië weinig hebben, maar de Spaanse koning daarentegen... Hij zou uiteindelijk een nieuw continent ontdekken, Amerika.

Deze tekening, de Ideale Stad, is een voorbeeld van kunst uit de renaissance. Let bijvoorbeeld op het perspectief (3D) van de tekening. In de Middeleeuwen was alles even groot of klopten verhoudingen helemaal niet.

Verschillende landen

Italië in 1815

Italië bestond na het Romeinse Rijk uit verschillende landjes. Deze landjes gingen op den duur samenvoegen en uiteenvallen. Ook volgden de landjes elkaar op en werden ze gesplitst. Om dit allemaal te weergeven, is vrij complex. Maar uiteindelijk ontstonden er vijf landen:

De Italiaanse Eenwording

Farm-Fresh bullet go.png Zie Risorgimento voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Al eeuwenlang vielen Italiaanse steden en koninkrijken elkaar aan, zoals in de Italiaanse Oorlogen van de zestiende eeuw. Zoals Frankrijk als Oostenrijk probeerde de controle over Italië te krijgen. Frankrijk viel onder Napoleon Italië zelfs binnen. Oostenrijk won in het noorden een paar gebieden.

Nadat Napoleon was verslagen en de Italiaanse koninkrijken hersteld waren, wilde men eenheid. Op het Congres van Wenen werd alles in oude glorie hersteld, dus voor Napoleon en voor de democratische revoluties (zoals de Franse Revolutie). De adel en kerk kregen weer meer bevoegdheden, hoefden geen belasting meer te betalen en kregen meer macht. Veel burgers waren het er niet mee eens. Daarnaast speelde nog het gevaar voor buitenlandse overheersing een rol. Italië was vooral bang voor Oostenrijk. Veel Italianen waren trots op hun vaderland, hun geschiedenis en hun cultuur. Tussen de verschillende landen waren er geen grote verschillen in cultuur en daardoor kwam het nationalisme op, een stroming die het vaderland voorop stelt. De nationalisten zorgden ervoor dat de koninkrijken zich verenigden tot een land, het koninkrijk Italië. Het koninkrijk Sardinië speelde de grootste rol hierin, waardoor de koning van dat land automatisch koning werd van Italië (Victor Emanuel II).

Generaal Garibaldi en koning Victor Emanuel II tijdens de Risorgimento

Vanuit het koninkrijk Sardinië werden als eerste de noordelijke staten een. Daarna volgden in 1860 het koninkrijk der Beide Siciliën. Toen werd er al over één Italië gesproken, maar er lag nog een land in het midden, de Kerkelijke Staat. De Italiaanse koning trok dit land binnen, maar de paus was buiten zinnen en deed de koning in de ban. Iemand in de ban doen betekent dat je geen contact meer met die persoon mag hebben en in het geval van een koning is dat super lastig. De koning was onder bevolking echter populairder dan de paus en de koning negeerde de paus dan ook. Ook vanuit het zuiden werd de Kerkelijke Staat binnengedrongen en toen men elkaar in het midden ontmoette was het duidelijk; de Italiaanse Eenwording was geslaagd. Het binnentrekken van de stad Rome wordt de inname van Rome genoemd en wordt gezien als de voltooiing van de Italiaanse Eenwording in 1870.

De paus mocht wel in Rome blijven wonen, want Italië was nog altijd een katholiek land. De paus beschouwde zich echter als gevangene van het Vaticaan en hij wilde zich niet buiten een klein stukje grond betreden. De paus bleef de inname van de Kerkelijke Staat bestrijden. Pas in 1929 werden de Italiaanse staat en de paus het eens! De paus erkende het verlies van de Kerkelijke Staat en zijn kleine stukje grond werd een zelfstandig landje, dat we vandaag de dag kennen als Vaticaanstad.

Imperialisme & de Eerste Wereldoorlog

Het Italiaanse rijk met zijn koloniën in 1940.

Italië was net als Oostenrijk-Hongarije en Duitsland een relatief jong land. Oudere landen, zoals Frankrijk en Engeland, hadden een groot koloniaal rijk. Maar ook deze nieuwe landen waren erg groot en wilden meetellen in de wereld. Daarvoor was een (groot) koloniaal rijk nodig. De Italiaanse koning had zijn oog laten vallen op Nederlands-Indië, maar de pogingen om de eilanden te veroveren mislukten. Eind 19e eeuw kreeg Italië toch twee koloniën, Italiaans-Somaliland en Italiaans-Eritrea. Na de Italiaans-Turkse oorlog kreeg Italië van het Ottomaanse Rijk ook Italiaans-Libië en de Dodekanesos.

Italië was al een tijdje bondgenoten met Oostenrijk-Hongarije en Duitsland. Duitsland wilde namelijk een bond die bestond uit drie landen, voor eventuele oorlogen met Engeland en Frankrijk. Toen Rusland hier in 1887 uitstapte, werd Rusland door Italië opgevolgd. Italië was echter bondgenoten met Frankrijk en dit bleef zo in het geheim. Ze zouden elkaar steunen met de verovering van Marokko en Libië. Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak bleef Italië neutraal, maar Oostenrijk-Hongarije en Duitsland dreigden met oorlog als het land niet mee zou vechten. Italië besloot om zich bij Frankrijk, Engeland en Rusland aan te sluiten. Italië werd hierdoor opgevolgd door het Ottomaanse Rijk en Bulgarije in de bond.

Italië kreeg van de Geallieerden toestemming om hun gebied uit te breiden. In 1916 verklaarde Italië de oorlog aan Oostenrijk-Hongarije en Duitsland. Italië vocht zowel in het noorden tegen de Oostenrijkers als in het zuiden tegen de Turken. Toch waren de Geallieerden niet erg blij met Italië. Alleen de strijd in Libië was succesvol. In het noorden drongen de Oostenrijkers door tot aan Venetië! De Britten en Fransen steunden Italië hier. Na de Eerste Wereldoorlog won Italië een aantal gebieden in het noorden, zoals Zuid-Tirol en Triëst. Ook werden de Italiaanse koloniën erkend en kreeg Italië Albanië. Italië was echter teleurgesteld in wat het kreeg. Met alle verliezen meegeteld, wilde het land het liefste het gehele gebied rond de Adriatische Zee hebben.

Mussolini en de Tweede Wereldoorlog

Na de Eerste Wereldoorlog kwam Italië in een politieke crisis terecht. Daarnaast had het land ook nog met grote werkloosheid te kampen na de beurskrach van 1929. Het land vroeg om een sterke leider die het land er weer bovenop zou helpen. De koning noch de premier waren dit. Op straat waren er ondertussen rellen tussen communisten en fascisten. Langzaam aan wisten de fascisten steden te veroveren. Hun leider Benito Mussolini organiseerde uiteindelijk de mars op Rome. Hij wilde de macht en anders dreigde hij met geweld. De ministers moesten niets van hem hebben, maar de koning maakte hem zijn premier. In 1922 kwam hij aan de macht. Mussolini had meer macht dan de koning en noemde zich graag Duce (wat Italiaans voor leider is).

In Duitsland kreeg iemand anders hetzelfde idee. Adolf Hitler organiseerde een zogeheten mars naar Berlijn, maar in Berlijn kwamen ze nooit aan. Hitler werd opgesloten, maar kwam later vrij en wist op democratische wijze premier te worden en uiteindelijk de macht te grijpen. Tussen de denkbeelden van Mussolini en Hitler zat niet veel geschil, beide gebruikten ze veel uniformen, symbolen en de groet lijkt ook veel op elkaar. Echter had Mussolini niets tegen Joden en andere volkeren, terwijl Hitler dit wel had. Toch waren de twee bondgenoten van elkaar en verenigden zich in de Asmogendheden. Italië veroverde in het westen kleine steden, aangezien Duitsland al Frankrijk veroverd had. In het oosten wilde Italië grote gebieden op de Balkan winnen met als slot Griekenland. Echter bleek Griekenland te sterk voor Italië te zijn, tot dat Italië steun kreeg van Duitsland. Italië won onder meer Montenegro, Kosovo, Dalmatië en een deel van Griekenland. Ook in Afrika won Italië Ethiopië en delen van Noord-Afrika. Hiermee bereikte Italië zijn hoogtepunt.

Het tij begon echter te keren nadat de geallieerden vanaf Sicilië langzaam Italië binnendrongen. De Italiaanse regering haalde Benito Mussolini van zijn troon af en sloot vrede met Engeland en Frankrijk. Italië verklaarde de oorlog aan Duitsland, al moesten ze in het land nog steeds vechten tegen de overgebleven nazi's en fascisten. Dit leidde nog tot zware schade op Italiaans grondgebied. Mussolini werd gevangengezet, maar later door de Duitsers bevrijd, en aan het hoofd gezet van de Italiaanse Sociale Republiek, een satellietstaat van Duitsland. Uiteindelijk werd Mussolini opnieuw gevangen in 1945 en vermoord. De Tweede Wereldoorlog kostte uiteindelijk aan zo'n 450.000 Italianen het leven.

Het moderne Italië

Een briefje van 500.000 Italiaanse lire.

Na de Tweede Wereldoorlog stond Italië een voor een al haar koloniën af. Ook moest het Istrië geven aan Joegoslavië en de Dodekanesos aan Griekenland. In 1946 stemde de bevolking uiteindelijk voor de afschaffing van de monarchie. De monarchie had immers gezorgd dat Mussolini aan de macht kwam. Tot aan 2002 mochten er geen mannelijke familieleden op Italiaanse bodem komen, al is dit nu niet meer zo.

Na de Tweede Wereldoorlog was Italië ook verwoest en werd weer opgebouwd met hulp van de Amerikanen. Ook sprak Italië af om met Frankrijk, Nederland, België, Luxemburg en West-Duitsland een bond te vormen. Deze bond zou later de Europese Unie gaan heten. Grappig genoeg was het de communist Altiero Spinelli die in 1941 als gevangene schreef over het idee dat de Europese landen moesten samenwerken. Spinelli wordt dan ook gezien als één van de vaders van het moderne Europa. In 2002 verving Italië de Italiaanse lire voor de Euro. Het huidige Italië staat bekend om zijn wisselende regeringen, maar toch is Italië geen instabiel land.

Geografie

Landschap

De Etna op Sicilië.

Italië kent een bergachtig landschap; driekwart van het land bestaat uit bergen en heuvels. De meeste bergen vinden we in het noorden. Doordat de Afrikaanse plaat onder de Euraziatische plaat duikt zijn de Alpen daar ontstaan. Nog steeds worden de Alpen, heel langzaam, hoger. Het oostelijke deel van de Alpen wordt de Dolomieten genoemd. In het bergachtige noorden vinden we ook veel meren, waar het Comomeer en het Gardameer de bekendste van zijn. Ten zuiden van de Alpen is het landschap erg vlak. Niet gek, hier is namelijk de Povlakte. Waar ooit een zee lag, liggen hier nu diverse rijke steden aan de rivier de Po. De rivier zorgt ervoor dat het gebied erg vruchtbaar is. Ten oosten van de stad Venetië is ook een vlakte, het Adriatische Plateau, maar dat is een stuk kleiner. Over de gehele lengte van Italië loopt een gebergte, de Apennijnen. Aan beide kanten van het gebergte is een heuvelachtig landschap met aan de kust een smalle stukje laagland. De Apennijnen zijn net als de Alpen door aardplaten ontstaan. De platen die verantwoordelijk zijn voor de Apennijnen zijn echter stil komen te liggen. Hierdoor is de druk weg en vinden er (kleine) aardbevingen plaats; het gebergte stort heel langzaam in. Het gebergte zal pas over tienduizenden jaren echt verdwenen zijn. Een voorbeeld van zo'n aardbeving is die in het dorp Amatrice en omgeving in 2016. Deze aardbevingen zijn vaak niet heel zwaar, maar kunnen wel tot veel schade leiden.

Het bekende Gardameer.

Door de plaatgrenzen vind je nog iets anders in Italië: vulkanen. Eén van de beroemdste vulkanen is de Etna op het eiland Sicilië. De Etna is sinds 2011 heel erg actief en er zijn meerdere keren per jaar kleinere uitbarstingen. De Eolische Eilanden boven Sicilië kun je eigenlijk allemaal als vulkaan zien. Zo'n groep heet samen een vulkanische boog. De Stromboli is hier een bekende van. De vulkaan vormt een eiland waarop rond de 650 mensen wonen. In 2003 was hier de laatste grote explosie. De meest beruchte vulkaan van Italië is de Vesuvius. In het jaar 79 wist deze vulkaan de stad Pompeï volledig onder as te bedelven. De uitbarsting van deze vulkaan is misschien wel de beroemdste ooit. Nog steeds wordt gewerkt om het dorp weer op te graven. In 1944 barstte de vulkaan voor het laatst uit. Overigens is nog een noemenswaardige vulkaan de Vulcano, wat letterlijk vulkaan in het Italiaans betekent.

Natuur

De bekende Italiaanse streek Toscane.

Italië was oorspronkelijk een dichtbebost land, maar veel bossen zijn voor de landbouw gekapt. Hier kwamen vaak olijfbomen voor terug. De olijf is, samen met de eik, de meest voorkomende boom in Italië. Hier is een reden voor, aangezien olijven goed tegen droogte en warmte kunnen. Veel berghellingen zijn tegenwoordig kaal en er groeit weinig. Wat er wel groeit zijn kleinere struiken als rozemarijn en jeneverbessen, maar ook de vijgcactus. Langs de kusten vindt je vaak de pijnboom en in koelere gebieden kastanjes en eiken. Italië staat ook bekend om planten als de cipres (dunne, lange coniferen), de magnolia, de blauwe regen, de oleander en natuurlijk de palmboom, maar deze zijn er vaak door de mens neergezet.

Op het gebied van natuurbescherming was het in Italië niet al te best. Veel bossen werden afgebrand of gekapt, waardoor het landschap langzaam in een woestijn veranderde. Daarnaast werd er veel op trekvogels geschoten, werd er in beschermde natuurgebieden illegaal gebouwd en was water vergiftigd. De laatste jaren is er echter verandering. De dieren die in Nederland en België leven, komen ook haast allemaal in Italië voor, maar er zijn een paar uitzonderingen. Zo vindt men in de Alpen de steenbok en de Alpenmarmot en in de Apennijnen leven wolven, beren en stekelvarkens. Qua vogels zijn de zilverreiger, de aasgier en de steenarend noemenswaardig, qua reptielen verschillende hagedissen en de moerasschildpad en qua zeedieren de dolfijn en de zwaardvis.

Grote steden

10 grootste steden van het land

Rome Skyline (8012016319).jpg
Rome
Full Milan skyline from Duomo roof.jpg
Milaan

Nummer Stad Inwoners
(2019)

NapolidaS.Martino.jpg
Napels
Turin monte cappuccini.jpg
Turijn

1 Rome 2.837.332
2 Milaan 1.396.059
3 Napels 962.589
4 Turijn 870.952
5 Palermo 657.960
6 Genua 574.090
7 Bologna 390.625
8 Florence 372.038
9 Bari 322.316
10 Catania 311.402

Klimaat

Italië heeft een bijzonder klimaat. De winters zijn zacht en de zomers zijn vaak heet. Dit heet een Middellands Zeeklimaat. 's Winters zorgt een lagedrukgebied uit het noorden voor een zachte winter. 's Zomers schuift er echter een hogedrukgebied vanuit de Sahara over Italië. Dit zorgt ervoor dat het erg warm is in Italië en ook dat het droog is, want de lucht bevat haast geen vocht. Toch kunnen er verschillen zijn. In de Alpen heb je bijvoorbeeld te maken met een hooggebergteklimaat met het hele jaar door sneeuw. 's Winters ligt hier wel meer sneeuw dan 's zomers. Op de Povlakte is het 's winters aardig koud, maar 's zomers kan het er net zo warm worden als op Sicilië. De meren in het noorden hebben een zachter klimaat doordat ze beschut liggen, maar staan wel bekend om hun grote hagelstenen (soms zo groot als een tennisbal!). In het noorden is het weer doorgaans onvoorspelbaarder dan in het zuiden.

Hoewel men bij Italië aan warme temperaturen denkt, heeft het land ook veel koude skipistes

Bevolking

Algemeen

Italië had in 2022 bijna 59 miljoen inwoners. De bevolking van het land neemt tegenwoordig af. Veel jonge (hogeropgeleide) Italianen zoeken in andere EU-lidstaten naar werk. Ook heeft het land te maken met een sterfteoverschot. Dit betekent dat er meer mensen overlijden dan geboren worden. Italië heeft daarom te maken met vergrijzing (een steeds ouder wordende bevolking). In 2016 had Italië nog 62 miljoen inwoners.

De bevolking groeide tussen 1990 en 2016 hard vanwege immigratie. In Italië wonen meer dan 5 miljoen migranten uit voornamelijk Oost-Europa (Roemenië, Albanië, etc.). Daarnaast wonen er ook veel immigranten uit Noord-Afrika via de Middellandse Zee naar Italië. In 2015 leidde dit tot de Europese vluchtelingencrisis, waarbij o.a. Italië enorm veel vluchtelingen opving. Italië wordt meestal niet als eindbestemming gezien. De migranten willen via Italië doorrreizen naar Noord-Europa. Vooral via het eiland Lampedusa komen veel vluchtelingen aan. Sinds 2015 neemt Italië ook steeds minder vluchtelingen op, aangezien Italië wil dat vluchtelingen beter over de EU-lidstaten verdeeld worden.

Een kaart met de verschillende Italiaanse dialecten

Daarnaast wonen er nog zo'n 80 miljoen Italianen buiten Italië. Vooral in de Verenigde Staten, Brazilië, Uruguay en Argentinië zijn grote aantallen mensen met Italiaanse afkomst of Italiaanse voorvaderen.

Taal

De officiële taal van Italië is het Italiaans. Het Italiaans is een Romaanse taal en familie van o.a. het Frans, het Portugees, het Spaans en het Roemeens. Deze talen stammen af van het Latijn. Vooral het Italiaans is nog steeds erg dicht bij het Latijn, maar er zijn grote verschillen. Binnen het Italiaans zijn er grote verschillen in dialecten, zoals het Siciliaans, het Sardijns, het Venetiaans, het Napolitaans en het Florentijns. De verschillen zijn soms zo groot dat Italianen uit het noorden de Italianen uit het zuiden niet kunnen verstaan (en omgekeerd). Hoewel sommige mensen vinden dat dit eigenlijk compleet andere talen zijn, erkent de Italiaanse overheid ze als dialecten van het Italiaans. Als standaard wordt vaak het Florentijnse dialect gebruikt. Dit wordt als het meest officieel gezien, aangezien de schrijvers Dante, Boccaccio en Petrarca in dit dialect schreven.

In sommige regio's worden de regionale dialecten erkend, maar vaak worden zij niet officieel gebruikt. Daarnaast worden er in sommige gebieden ook buitenlandse talen erkend, zoals het Duits in Zuid-Tirol, het Sloveens en Friulisch in Friuli-Venezia Giulia, het Griko, Arbëresh en Frans-Provinciaals in Apulië en het Frans in Aosta. Hierbij gaat het vooral om kleinere talen en talen die aan de grenzen worden gesproken. Vanwege historische redenen worden deze talen erkend door de regionale overheden.

Grote immigrantentalen in Italië zijn het Roemeens, het Arabisch, het Albanees en het Spaans. Qua vreemde talen spreken Italianen vaak Engels, Frans en Spaans.

Godsdienst

De Sint-Pietersbasiliek is de hoofdzetel van de Rooms-Katholieke Kerk. Vaticaanstad is een zelfstandig land binnen de Italiaanse hoofdstad Rome.

In Italië is er godsdienstvrijheid en een scheiding tussen kerk en staat. Dit betekent dat iedereen vrioj is om te geloven wat hij of zij wil. Ook zijn religie en politiek gescheiden van elkaar. Tot 1984 was de Rooms-Katholieke Kerk de officiële staatsreligie van Italië, maar tegenwoordig is dit niet meer het geval. Toch is Italië nog altijd een erg katholiek land. Dit is niet gek als je bedenkt dat de Rooms-Katholieke Kerk een grote invloed op de Italiaanse geschiedenis en cultuur heeft gehad. Ook zit de paus, de leider van de Rooms-Katholieke Kerk, in Rome. In 2021 geloofde 79,2% van de Italiaans in het Rooms-katholicisme. 5,2% van de inwoners gelooft in een andere christelijke stromingen, zoals het protestantisme of de oosters-orthodoxe kerk.

Daarnaast zijn er nog kleinere religies, zoals de islam (1%), het boeddhisme (0,4%), het hindoeïsme (0,3%) en het jodendom (0,1%). 11,6% van de Italianen is ongelovig of hangt geen religie aan.

Onderwijs

De universiteit van Bologna is een van de oudste ter wereld.

In Italië is ieder kind tussen de 6 en 16 jaar oud verplicht om naar school te gaan. Voor hun zesde kunnen kinderen naar een kleuterschool, maar deze is niet verplicht. Tussen hun 6e en 11e gaan de leerlingen naar de basisschool. Deze duurt dus vijf jaar. Op de basisschool leren de leerlingen dingen als Italiaans, Engels, rekenen, biologie, aardrijkskunde, geschiedenis en maatschappijleer. Hierna gaan de leerlingen naar de middelbare school. Deze duurt 8 jaar en is verdeeld in een onderbouw (3 jaar) en bovenbouw (5 jaar). De onderbouw is vrij breed. Dit betekent dat iedere leerling haast dezelfde vakken krijgt. Als de leerlingen 14 jaar oud zijn, moeten zij een van de drie richtingen kiezen. Deze drie richtingen zijn het lyceum, de instutio tecnico en de instutio professionale. De meeste leerlingen gaan naar het lyceum, waarna de leerlingen naar de universiteit kunnen gaan. Binnen het lyceum moeten de leerlingen weer een vakkenpakket kiezen. Het instutio professionale is voor leerlingen die met hun handen bezig zijn. Het instutio tecnico is een combinatie van de vorige twee.

Italië heeft een van de oudste universiteiten ter wereld. Dit is de universiteit van Bologna die in 1088 werd gesticht. Ook de universiteit van Padua (uit 1222) is een van de oudste van Europa. Italië heeft verschillende universiteiten en hogescholen. Daarnaast zijn er nog academies die op een bepaald terrein gericht zijn, zoals kunst of muziek. Een studie duurt ergens tussen de 2 en 5 jaar. Dit is afhankelijk van wat de student studeert. Het onderwijs in Italië is slechter als in andere Europese landen. Ook zijn de scholen in het zuiden van Italië slechter als in het noorden.

Kunst en cultuur

De Italiaanse cultuur is erg beïnvloed door de cultuur van Zuid-Europese landen. Veel Italianen zich als de opvolgers van de Romeinen. De Italiaanse cultuur heeft ook veel stereotypes. Dit is het beeld van hoe iets zou zijn, maar hoeft niet waar te zien. Bekende Italiaanse stereotypes zijn het praten met handgebaren, het belang van gezamenlijk eten en Italiaanse jongeren die lang thuis blijven wonen. Vaak wordt over Italianen gedacht dat zij niet van hun werk houden en lange pauzes nemen. Toch werken Italianen meer dan de meeste andere Europeanen. Over het algemeen staan Italianen bekend als dramatisch en modebewust.

Feestdagen

Vuurwerk op Ferragosto

Italië heeft 12 officiële feestdagen. Op deze feestdagen hebben de meeste mensen vrij. In sommige regio's en steden zijn er ook nog andere feestdagen. De officiële feestdagen in heel Italië zijn:

Datum Naam Uitleg
1 januari Capodanno Nieuwjaarsdag
6 januari Befana/Epifani Driekoningen
Verschillend Pasquetta Pasen (zowel eerste als tweede paasdag)
25 april Festa della Liberazione Bevrijdingsdag: Op deze dag wordt de val van de regering van Mussolini herdacht. Dit betekende het einde van het fascisme in Italië
1 mei Festa del Lavoro Dag van de Arbeid
2 juni Festa della Repubblica Dag van de republiek: Op deze dag viert men de stichting van de republiek in 1946. Op de dag zijn verschillende plechtigheden, toespraken en een militaire parade.
15 augustus Ferragosto Maria Tenhemelopneming
1 november Ognissanti Allerheiligen
8 december Immacolata Concezione Maria Onbevlekte Ontvangenis
25 & 26 december Natale & Santo Stefano Eerste en tweede kerstdag

Muziek

Nabucco, een van de bekendste Italiaanse opera's

Ook wat betreft muziek is Italië erg bekend. In Italië is namelijk de opera ontstaan. In precies 1600 maakte Jacopo Peri de eerste opera. Opera's zijn technisch gezien gezongen verhalen, die vaak veel drama bevatten. Bij opera denken de meeste mensen vaak dat dit verhaal zich afspeelt in een oude tijd (meestal ergens tussen de Oudheid en 19e eeuw), waarin de liederen erg zwaar zijn en men uitbundige, grote, ouderwetse kostuums draagt. Dit is een operagenre, genaamd de Grand Opera, maar er zijn ook modernere en lichtere opera's. Er zijn zelfs opera's die als doel hebben om het publiek te laten lachen (een operette). Een opera verschilt echter van een musical, aangezien een opera altijd (haast) helemaal gezongen is en een musical vaak ook gesproken tekst bevat. Opera staat tevens bekend om zijn aparte manier van zingen. Dit komt doordat de zangers geen microfoon hebben! Bekende Italiaanse opera's zijn Nabucco van Giuseppe Verdi, La Bohème van Giacomo Puccini en L’Orfeo van Claudio Monteverdi. Eén van de beroemdste Italiaanse operazangers was Luciano Pavarotti.

Op het gebied van klassieke muziek is vooral Antonio Vivaldi populair. Hij is bekend vanwege zijn muziekstuk de Vier Jaargetijden, waarin de vier jaargetijden onder leiding van een viool worden nagespeeld. Het stuk is populair in de klassieke muziek. Toch zijn er in de moderne muziek ook veel bekende Italiaanse nummers geweest, zoals Con te partiro van Andrea Bocelli. Italië doet ook mee aan het Eurovisiesongfestival. In tegenstelling tot veel andere landen, is iedere inzending in het Italiaans geweest. Slechts een paar keer was het nummer gedeeltelijk in het Engels. Italië won het festival 3 keer, namelijk in 1964 (met Non ho l'età van Gigliola Cinquetti), in 1990 (met Insieme: 1992 van Toto Cutugno) en in 2021 (met Zitti e buoni van Måneskin).

Literatuur

De Italiaanse literatuur heeft een belangrijke invloed gehad op de literatuur van andere landen. De drie belangrijkste schrijvers binnen de Italiaanse literatuur zijn Dante Alighieri, Giovanni Boccaccio en Francesco Petrarca. Dante schreef het wereldberoemde boek De Goddelijke Komedie over de tocht door de hel, het vagevuur en de hemel. In het boek is Dante zelf het hoofdpersonage en verschillende mythologische en historische figuren komen in het werk voor. De Goddelijke Komedie is erg belangrijk geweest op hoe wij de hemel en de hel tegenwoordig zien. Boccaccio schreef het boek Decamerone, wat eigenlijk meer een verzameling van verschillende verhalen is. De Decamerone gaat over een reis van 10 personen die op de vlucht zijn voor de pest. Gedurende de reis van 10 dagen vertellen ze elkaar verhalen die in het boek zijn opgeschreven. Petrarca is vooral bekend vanwege zijn gedichten en maakte het sonnet populair.

Bekende modernere schrijvers zijn Giosuè Carducci, Salvatore Quasimodo en Eugenio Montale. Umberto Eco werd met zijn roman De naam van de roos wereldberoemd. Een bekende Italiaanse kinderboekenschrijfster is Elisabetta Dami. Zij bedacht in 1999 de muis Geronimo Stilton. Inmiddels zijn er tientallen boeken geschreven en zijn de boeken in 35 talen vertaald.

Film

La Dolce Vita is nog altijd een van de beroemdste Italiaanse films.

Italië was een van de eerste landen waar films gemaakt werden. In 1896 begon Vittorio Calcina met het maken van korte, geluidloze films. Deze films waren ook in het buitenland erg populair, zoals L'Inferno (1911) en Quo Vadis (1913). Toen er geluidsfilms in de jaren 1920 ontstonden werden Italiaanse films minder populair. Ondertussen waren de fascisten in het land aan de macht gekomen en werden vooral propagandafilms gemaakt. In de jaren 1950 bloeide de Italiaanse film weer op met regisseurs als Federico Fellini en actrices als Sophia Loren. De Italiaanse films gemaakt tussen 1950 en 1970 worden Commedia all'italiana genoemd. Een bekende film uit deze periode is La Dolce Vita (1960). Deze film is beroemd geworden om de scene waarbij actrice Anita Ekberg in de Trevifontein een bad neemt. Ook veel buitenlandse films, zoals Cleopatra, werden in Italië opgenomen. Rome was zo populair onder regisseurs dat het de bijnaam Hollywood aan de Tiber gekreeg. In de jaren 1960 en 1970 werd Italië bekend om de spaghetti westerns, zoals Once Upon a Time in the West (1968). Dit waren goedkope westernfilms die in heel de wereld bekend werden. Ook veel horrorfilms werden in de jaren 1970 en 1980 in Italië opgenomen, zoals The Exorsist.

In de jaren 1980 raakte de Italiaanse film in verval, maar in de jaren 1990 kreeg Italië weer een aantal succesvolle films. Beroemde Italiaanse films uit deze periode zijn Il Postino (1994) en La vita è bella (1997). De meeste Italiaanse films worden voor een Italiaans publiek gemaakt. Weinig films worden ook buiten Italië echt populair. Toch is Italië nog altijd een populaire locatie om films op te nemen.

Eten en drinken

Olijfolie, basilicum en tomaat; bekende en veel gebruikte ingrediënten uit de Italiaanse keuken.

De Italiaanse keuken is een van de beroemdste ter wereld. Bij het ontbijt wordt er niet zo heel veel gegeten. In zowel de middag als de avond wordt warm gegeven. Een diner in Italië begint met de eerst gang; antipasto. De naam zegt het al, het bestaat uit verschillende kleine gerechten, maar geen pasta. Een typisch gerecht is een salade met mozzarella, tomaat en pesto, maar ook carpaccio is er een. Hierna volgt het hoofdgerecht, meestal pasta. Er zijn verschillende soorten pasta, zoals farfalle, fusilli, spaghetti en macaroni. De pasta wordt altijd met een saus geserveerd, meestal met groente, vlees en/of vis daarin. Er zijn tal van (authentieke) pastasauzen. Meestal wordt de pasta op smaak gemaakt met Parmezaanse kaas en kruiden als basilicum, rozemarijn, tijm, oregano en laurier. De kruiden worden meestal meegekookt, maar basilicum wordt meestal achteraf toegevoegd. Qua groenten worden vaak tomaat, courgette, aubergine, broccoli en paprika gebruikt. In de gerechten zijn meestal de kleuren van de Italiaanse vlag te zien, het groen van de groenten, het rood van de tomatensaus en het wit van het bord (of eventueel de saus). Een bekend nagerecht is tiramisu, net als Italiaans ijs.

Tussen de verschillende regio's van Italië bestaan verschillende op het gebied van eten, vooral tussen het noorden en zuiden. In het noorden is bijvoorbeeld risotto een populair gerecht, maar in het zuiden wordt dit niet als gerecht gezien. Italianen zijn trots op hun koffiecultuur. Overal over de wereld worden Italiaanse koffies gedronken, zoals de espresso, de cappuccino en de latte macchiato. Ook de wijnen die in Italië gemaakt worden zijn populair.

Werelderfgoed

In Italië staan 58 dingen op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Hierdoor is Italië het land met de meeste werelderfgoederen ter wereld. Hieronder een klein overzicht:


Sport

De populairste sport in Italië is voetbal. Italië is een erg succesvol voetballand. Het won het wereldkampioenschap voetbal 4 keer (in 1934, 1938, 1952 en 2006). Dit is even vaak als Duitsland; enkel Brazilië heeft het wereldkampioenschap vaker gewonnen. Ook heeft Italië het UEFA Champions League 12 keer gewonnen. Uit Italië komen bekende voetballers, zoals Fabio Cannavaro, Dino Zoff en Luigi Riva. Daarnaast zijn basketball en atletiek populaire sporten. Op het gebied van wielrennen staat Italië bekend om de Giro d'Italia, een wereldberoemde wielrenwedstrijd. Deze vindt vooral in Italië plaats, maar sommige routes zijn ook door omliggende landen heen.

Andere populaire sporten in Italië zijn skiën (vooral in het noorden), rugby, tennis en volleybal. Italië heeft aan bijna alle edities van de Olympische Spelen meegedaan. Het land organiseerde de Spelen vier keer; de Winterspelen van 1956 in Cortina d'Ampezzo, de Zomerspelen van 1960 in Rome, de Winterspelen van 2006 in Turijn en de komende Winterspelen van 2026 in Milaan en Cortina d'Ampezzo.

Politiek

Staatsinrichting

Giorgia Meloni is de huidige Italiaanse premier.

Italië is een parlementaire republiek. Dit betekent dat Italië een president als staatshoofd heeft en het parlement veel macht heeft. Italië is een republiek sinds het afschaffen van de monarchie in 1946. De president van Italië heeft erg weinig macht. Hij of zij wordt gekozen door het parlement en dient een periode van 7 jaar. De president ontvangt belangrijke gasten en bezoekt het buitenland. Daarnaast benoemt de president de ministers en rechters, kan oorlog verklaren en verkiezingen en referenda uitroepen. Voor deze laatste taken is de toestemming van het parlement nodig. De huidige president van Italië is Sergio Mattarella. Het hoofd van de regering is de premier. De premier heeft meer dan de president en gaat over het dagelijks bestuur an het land. De premier wordt geholpen door verschillende ministers die hun eigen taak hebben. De huidige premier van Italië is Giorgia Meloni. Ze is de eerste vrouwelijke premier van Italië en de eerste radicaal-rechtse premier van Italië sinds de Tweede Wereldoorlog. De premier en ministers vormen samen de regering.

Het Italiaans parlementsgebouw

De regering wordt gecontroleerd door het parlement van Italië. Dit parlement stemt ook over nieuwe wetten. Het Italiaans parlement bestaat uit twee kamers:

  • De Kamer van Afgevaardigden (Camera dei deputati) bestaande uit 400 leden. Deze kamer wordt op een ingewikkelde manier gekozen door het volk. Ieder lid vertegenwoordigt een bepaalde regio in Italië. Het kan zijn dat één lid één regio vertegenwoordigd of dat meerdere leden één regio vertegenwoordigen. Ook vertegenwoordigen 8 leden altijd de Italianen in het buitenland. Tot 2022 had de Kamer 630 leden. De Kamer van Afgevaardigden wordt iedere vijf jaar gekozen.
  • De Senaat van de Republiek (Senato della Repubblica) bestaande uit 200 leden. Hierin heeft iedere regio een bepaald aantal zetels afhankelijk van het aantal inwoners. Daarnaast zijn er nog 6 "senatoren voor het leven". Deze worden door de president gekozen. Alle leden worden om de vijf jaar gekozen, maar de "senatoren voor het leven" hebben niet te maken met verkiezingen. Een senator moet minstens 40 jaar oud zijn.

In Italië kan iedereen die ouder dan 18 jaar is en de Italiaanse nationaliteit heeft stemmen.

Tot 2022 had de Senaat 315 leden.

Regio's van Italië

Italië is verdeeld in 20 regio's. Dit zijn:

De nummers komen overeen met dit kaartje
  1. Abruzzen, met als hoofdstad L'Aquila.
  2. Apulië, met als hoofdstad Bari.
  3. Basilcata, met als hoofdstad Potenza.
  4. Calabrië, met als hoofdstad Catanzaro.
  5. Campania, met als hoofdstad Napels.
  6. Emilia Romagna, met als hoofdstad Bologna.
  7. Friuli-Venezia Gruilia, met als hoofdstad Triëst.
  8. Lazio, met als hoofdstad Rome.
  9. Ligurië, met als hoofdstad Genua.
  10. Lombardije, met als hoofdstad Milaan.
  11. Marche, met als hoofdstad Ancona.
  12. Molise, met als hoofdstad Campobasso.
  13. Piëmont, met als hoofdstad Turijn.
  14. Sardinië, met als hoofdstad Caglairi.
  15. Sicilië, met als hoofdstad Palermo.
  16. Trentino-Zuid-Tirol, met als hoofdstad Trente.
  17. Toscane, met als hoofdstad Florence.
  18. Umbrië, met als hoofdstad Perugia.
  19. Valle d'Aosta, met als hoofdstad Aosta.
  20. Veneto, met als hoofdstad Venetië.

Buitenlandse politiek

Oud-premier Draghi ontmoet de Amerikaanse president Joe Biden

Italië is lid van verschillende internationale organisaties, zoals de Verenigde Naties (VN), de Europese Unie (EU), de Groep van Zeven (G7) en de NAVO. Italië heeft goede banden met haar buurlanden en andere Zuid-Europese landen. Vooral de banden met San Marino, Vaticaanstad en Malta zijn hecht. Italië heeft belooft deze landen in het geval van oorlog te beschermen, aangezien deze landen zo klein zijn. Voor de komst van de euro was het mogelijk om met de Italiaanse lire in San Marino en Vaticaanstad te betalen. Hoewel in Italië godsdienstvrijheid is, heeft het land een belangrijke band met de Rooms-Katholieke Kerk. Veel gebouwen die in bezit zijn van het Vaticaan staan bijvoorbeeld op Italiaans grondgebied. Italië heeft goede banden met Zuid-Amerikaanse landen (zoals Argentinië en Uruguay) waar veel inwoners met Italiaanse voorvaderen wonen.

Daarnaast heeft Italië ook slechtere banden met andere landen, zoals met de landen in Noord-Afrika (zoals Tunesië en Libië). Veel vluchtelingen uit Afrika komen namelijk via deze landen naar Italië. Ook heeft het vaak conflicten over geld met Noord-Europese landen, zoals Nederland en Zweden. Deze landen willen dat Italië zijn staatsschuld kleiner maakt en minder geld uitgeeft. Ondanks deze conflicten maken de landen het ook goed met elkaar. Ook heeft Italië ruzie met China over goedkope Chinese producten. Deze zouden namelijk slecht zijn voor de Italiaanse industrie. Daarnaast maakt Italië zich zorgen over de mensenrechten in China.

Economie

Algemeen

Italië staat bekend om zijn wijn, zoals uit de streek Rosazzo.

Italië ontpopte zich na de Tweede Wereldoorlog als een echt industrieland, maar na 1980 zakte de industrie in en bracht dit grote werkloosheid met zich mee. In Italië is er een grote kloof tussen het noorden en zuiden. Het noorden is overwegend rijk, terwijl het zuiden overwegend arm is. In het noorden vind men veel industrie, terwijl het zuiden nog agrarisch is. Toen het heel goed ging met het noorden wilde men het zuiden helpen. Er werd veel geïnvesteerd in de aanleg van wegen en spoorlijnen, maar er werden ook machines gekocht. Dit bespaarde boeren werk, waardoor ze minder personeel nodig hadden en er ontstond dus werkloosheid. Men heeft toen besloten om fabrieken in het zuiden te bouwen, wat beter lijkt te werken. Toch is de kloof nog duidelijk zichtbaar.

Tegenwoordig werkt nog amper 4% van de bevolking in de landbouw. De meeste boerenbedrijven zijn aan de kleine kant. De meest verbouwde producten zijn graan, maïs, rijst en aardappelen. Italië is tevens de grootste producent van sojabonen in Europa. Qua fruit wordeen in het zuiden vooral sinaasappels en citroenen verbouwd en in het noorden appels, peren en pruimen. In heel Italië vindt men gaarden met druiven en olijven. Van de druiven wordt meestal wijn gemaakt. De beroemdste wijnstreek is Toscane. Aan de Adriatische kust vind veel visserij op tonijn, sardines en schaaldieren plaats. Qua vlees zijn runderen, schapen en geiten populair. Veel melk wordt echter uit Duitsland gehaald.

Een van de bekendste Italiaanse merken; Fiat.

Veel industrie staat in het noorden. Voornamelijk Turijn en Milaan zijn echte industriesteden. Door de grote industrie is Italië het vierde industrieland van Europa, na Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Producten die voornamelijk worden ingevoerd zijn olie, textiel, hout, auto's en levensmiddelen. Er worden voornamelijk producten uit Duitsland, Frankrijk, China, Rusland en Nederland ingevoerd. Qua export verkoopt Italië voornamelijk wijn, machines, citrusvruchten en plastic. Hiervan gaat het meeste naar Duitsland, Frankrijk, de Verenigde Staten, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. Qua energie heeft Italië niet veel hulpbronnen. Het land haalt hierdoor 80% van de energie uit het buitenland. Toch zorgt het gebrek aan hulpbronnen ervoor dat Italië ook duurzame energie maakt. Een groot gedeelte (een derde) komt van wachtkrachtcentrales en de rest komt uit thermische centrales. Het gas en de olie die voor de rest nodig is komt voor een groot gedeelte uit Algerije en Rusland.

Problemen met economie

Italië staat net als Spanje, Portugal, Cyprus en Griekenland bekend als de EU-landen met grote schulden. De EU moest ze dan ook helpen, maar hoe dit eigenlijk? Italië is in principe een rijk land en een sterke economie, maar heeft een enorme staatsschuld. Dit betekend dat de Italiaanse regering een hoop geld heeft geleend bij banken en die banken willen hun geld terugzien. De Italiaanse schuld (die van de staat, burgers en bedrijven) is inmiddels net zo groot als die van Frankrijk en Duitsland bij elkaar. In Italië heeft de staat (de regering) haast geen geld, terwijl de inwoners vrij rijk zijn. De Italianen willen daarom geen geld van de Europese Unie, aangezien de burgers zelf genoeg geld hebben. Als de burgers meebetalen om de schulden af te lossen (in de vorm van hogere belastingen), dan hoeft de Italiaanse regering aan minder voorwaarde te voldoen, dan als het land geld leent van de EU. Landen als Griekenland en Spanje hebben deze burgers niet. Italië heeft dus eigenlijk meer keuzes.

Tijdens de Europese Staatsschuldencrisis was men bang dat wanneer Griekenland zou omvallen van de schulden, de economisch zwakkere landen (Italië, Spanje, Portugal), eerst zouden vallen en tenslotte de sterke economische landen (zoals België, Nederland en Duitsland).

Daarnaast heeft Italië ook te maken met een krimpende economie. Maar waarom eigenlijk? Sinds dat Italië de euro gebruikt is er erg veel concurrentie met bedrijven uit andere EU-landen. Grote Italiaanse bedrijven, zoals Fiat, profiteren juist van de concurrentie en de EU-zone. Echter werken de meeste Italianen bij kleinere bedrijven, waar nog geen 50 man werkt. Deze bedrijven hebben het erg zwaar en gaan dan ook failliet. In Italië denkt men vanwege dit probleem ook na over een uittreden uit de Eurozone. In principe is dit ook nog mogelijk! Waarschijnlijk zou het na een eventueel vertrek uit de Eurozone een tijdje slecht gaan met de Italiaanse economie, maar de regering zou een groot deel van deze klap toch kunnen opvangen, ook al hebben ze geen geld. Hoe? Italië heeft een van 's werelds grootste goudvoorraden. Een land heeft goud om schulden te kunnen aflossen bij een echte grote economische klap. Goud is namelijk altijd gewild en de prijs is vrij stabiel.

In de politiek staat Italië bekend als instabiel land. Kabinetten komen en kabinetten gaan. Sterker nog, sinds de Tweede Wereldoorlog heeft geen een kabinet de volle 5 jaar gezeten! De reden is dat tot in de jaren negentig er een soort van strijd was tussen de socialisten en de christendemocraten. Uiteindelijk werd daarom besloten het kiesstelsel aan te passen, waardoor andere partijen meer kansen kregen. De politiek werd wel iets stabieler, maar echt stabiel is het niet. Mede de haperende Italiaanse economie zorgt voor onrust in de politiek. De reden voor de grote staatsschuld is simpel. In Italië zijn veel bedrijven in de handen van de staat. Dit zorgt weliswaar voor inkomsten tijdens goede economische periodes, maar zorgt er ook voor dat Italië de bedrijven geld moet geven tijdens een crisis. Anders kan een bedrijf failliet gaan en zijn mensen werkloos. Aangezien dit geld er niet was, leende men dit geld bij de bank. Dit gebeurde bij meerdere bedrijven. Hierdoor kregen Italië een grote staatsschuld. Daarnaast speelt ook het uittreden uit de Europese Unie van belang. In de EU is de regel dat een vluchteling wordt opgevangen door in het land waar het het eerst aankomt. Dit zijn vaak Griekenland, Italië of Spanje en het gaat de laatste jaren om grote aantallen. Hoewel Italië bekend staat als politiek instabiel land, zijn veel andere landen niet bang dat het land failliet gaat. Je kunt Italië door deze instabiliteit ook wel stabiel noemen!

Fotogalerij

Volkslied

Externe links

Links

Bronnen

  • Lesboek: BuiteNLand, 4 havo - voor stukje over het landschap
  • Lesboek: GeschiedenisWerkplaats, 4 havo - voor stukken over de geschiedenis (Romeinen, Renaissance, Eenwording en Eerste Wereldoorlog)
  • www.belpease.nl - voor stukje over de natuur
  • www.ditisitalie.nl - voor stukje over het landschap
  • italiesite.wordpress.com - voor stukje over de keuken
  • www.economie-mach-maatschappij.com - voor stukje over de problemen in de economie
  • RTL Nieuws: diverse nieuwsberichten - voor stukje over de problemen in de Italiaanse politiek
  • www.landenweb.nl - voor stukje economie


Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Italië&oldid=748711"