Oosters-orthodoxe kerken

Met de Oosters-Orthodoxe Kerk, vroeger meestal Grieks-Orthodoxe Kerk genoemd, maar tegenwoordig ook vaak alleen als Orthodoxe Kerk aangeduid, wordt dat deel van het oosterse (Byzantijnse) christendom bedoeld dat voor het eerst in de 9de en definitief in de 11de eeuw tijdens het Oosters Schisma met de Rooms-Katholieke Kerk brak.
De breuk was een gevolg van de splitsing van het Romeinse Rijk in een oostelijk en een westelijk deel. Het westelijk deel was al in de 5de eeuw na Chr. ten onder gegaan, het oostelijk deel (het Oost-Romeinse of Byzantijnse Rijk) bleef nog tot 1453 bestaan, toen de hoofdstad Byzantium of Constantinopel (het huidige Istanboel) door de Turken werd veroverd.
In totaal hebben de oosters-orthodoxe kerken samen 220 tot 300 miljoen gelovigen wereldwijd. In vergelijking: het protestantisme heeft zo'n 500 miljoen aanhangers en de Rooms-Katholieke Kerk heeft ongeveer 1,4 miljard aanhangers.
Naam
Het woord "Grieks" is gekoppeld aan de term "orthodox", omdat de Griekse cultuur in dat deel van het Romeinse Rijk op het moment van de scheuring met de Rooms-Katholieke Kerk dominant (heersend) was. Tegenwoordig is de naam "Grieks-orthodoxe kerken" er verwarrend. Een van de kerken binnen deze groep heet namelijk de Grieks-Orthodoxe Kerk. Dat is de oosters-orthodoxe kerk die actief is in Griekenland. Tegenwoordig wordt daarom de naam "oosters-orthodoxe kerken" gebruikt.
Soms wordt ook de naam "orthodoxe kerken" gebruikt. Ook die naam kan verwarrend zijn. Het woord "orthodox" betekent namelijk strenggelovig of vasthoudend aan traditie. Dat woord kan ook gebruikt worden voor andere kerken (zoals het orthodox-protestantisme of de Oriëntaals-orthodoxe kerken). Het kan zelfs gebruikt voor geloven buiten het christendom. Zo worden strenggelovige aanhangers van het jodendom "orthodoxe joden" genoemd.
Geschiedenis
Het westen en het oosten

In de eerste eeuwen n.Chr. ontstond er een verschil tussen het christendom in het westen en oosten van het Romeinse Rijk. Dat verschil ontstond niet op één bepaald moment. Het was eerder een geleidelijk verschil dat zich over de eeuwen ontwikkelde. Later werd het Romeinse Rijk in twee delen gesplitst: het West-Romeinse Rijk en het Oost-Romeinse Rijk. Het West-Romeinse Rijk werd geleid vanuit Rome. Het Oost-Romeinse Rijk werd geleid vanuit Constantinopel (het huidige Istanboel). Daardoor ontstond er ook een politieke strijd tussen beide delen van het Romeinse Rijk.
Het West-Romeinse Rijk viel uiteindelijk, terwijl het Oost-Romeinse Rijk verderging als het Byzantijnse Rijk. Constantinopel was toen al enige tijd een welvarendere stad dan Rome. Daarom werd Constantinopel ook wel het "Nieuwe Rome" of het "Tweede Rome" genoemd. De paus woonde echter nog in Rome. Hij eiste de macht over de oosterse kerk op.
Tussen de westerse en oosterse kerk ontstonden conflicten over de Bijbel, de juridische status en cultuur. De westerse kerk was beïnvloed door de Latijnse traditie, terwijl de oosterse of Byzantijnse kerk door de Griekse traditie was beïnvloed. De twee delen van de kerk wantrouwden elkaar. Periodes van conflict werden afgewisseld met periodes van vrede.
Het Oosters Schisma

In de 9e eeuw begonnen de oosterse en westerse kerk van elkaar te splitsen. De definitieve splitsing vond plaats in 1054 en wordt het Oosters Schisma genoemd. Dat schisma ging over de Heilige Drie-eenheid in de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel. In de geloofsbelijdenis stond dat de Heilige Geest voorkwam uit zowel de Vader (God) als de Zoon (Jezus Christus). De oosterse kerken geloofden dat de Heilige Geest voortkwam uit de Vader, maar niet uit de Zoon. Dit conflict wordt het Filoque-conflict genoemd. De oosterse kerken waren het oneens met de beschrijving in de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel. Zij vonden dat de opstellers iets hadden toegevoegd dat niet op de concilie (samenkomst) besloten was.
Dat conflict leidde ertoe dat de oosterse kerk zich afscheidde van de westerse kerk. De oosterse kerk ging verder als de oosters-orthodoxe kerk. Het woord "orthodox" betekent "rechtgelovig" (oftewel "aanhanger van de juiste leer"). De paus excommunieerde vervolgens de Kerk van Constantinopel en andere oosters-orthodoxe kerken. De patriarch van Constantinopel, Michaël I, werd in de ban gedaan. Op zijn beurt deed de patriarch paus Leo IX in de ban.
Naast het Filoque-conflict speelden ook politieke en culturele verschillen een rol. Het Filoque-conflict was dus niet de enige oorzaak. Het was eerder de laatste druppel. Een scheiding was al langer in de maak. Na het Oosters Schisma namen de verschillen tussen de Rooms-Katholieke Kerk en de oosters-orthodoxe kerken alleen maar toe.
Verspreiding

In totaal zijn er tussen de 225 en 300 miljoen christenen die onderdeel zijn van de oosters-orthodoxe kerken. Na de Rooms-Katholieke Kerk en het protestantisme zijn de oosters-orthodoxe kerken daarom de grootste stroming binnen het christendom. Ongeveer 12% van de christenen wereldwijd is oosters-orthodox. Dat komt neer op 4% van de wereldbevolking. Het aantal gelovigen verschilt flink per kerk. De Russisch-Orthodoxe Kerk is verreweg de grootste oosters-orthodoxe kerk met maar liefst 100 miljoen gelovigen. Zij wordt gevolgd door de Roemeens-Orthodoxe Kerk met 19 miljoen gelovigen en de Servisch-Orthodoxe Kerk met tussen de 8 en 11 miljoen gelovigen.
De oosters-orthodoxe kerken hebben vooral in het oosten van Europa en het Midden-Oosten veel aanhang. Landen met veel oosters-orthodoxe christenen zijn Rusland, Wit-Rusland, Oekraïne, Moldavië, Roemenië, Bulgarije, Griekenland, Servië, Cyprus, Noord-Macedonië, Georgië en Montenegro. Ook zijn er grote oosters-orthodoxe gebieden in de Baltische Staten, Turkije, Bosnië en Herzegovina en Albanië. Buiten Europa heeft de oosters-orthodoxe kerk een aanzienlijke aanhang onder christenen in Palestina, Syrië, Jordanië en Egypte.
Door migratie zijn er wereldwijd ook oosters-orthodoxe diaspora. Die diaspora zijn aanwezig in West-Europa en de Verenigde Staten. Vaak is dat slechts een klein deel van de bevolking. In de Verenigde Staten zijn er iets minder dan 800.000 oosters-orthodoxe christenen. Dat komt neer op minder dan 1% van de bevolking. In Nederland wordt er geschat dat zo'n 250.000 mensen oosters-orthodox zijn. In België is ongeveer 0,6% van de bevolking oosters-orthodox. In veel westerse landen groeit het aantal oosters-orthodoxe kerken. Dat komt deels door migratie uit landen als Roemenië, Bulgarije en Servië.
Onderdelen
Organisatie

De oosters-orthodoxe kerken bestaan uit een groot aantal kerken. Vaak zijn slechts in één land of een aantal landen actief. De kerken waren in het verleden nauwverbonden met het landsbestuur. In sommige landen hebben de orthodoxe kerken nog steeds een grote invloed op het landsbestuur. De verschillende kerken zijn vaak ontstaan uit culturele of geografische redenen. Ook speelde nationalisme (zeker vanaf de 19e eeuw) een belangrijke rol. Hoewel er verschillende kerken zijn, zijn de ideologie en tradities min of meer vergelijkbaar. Ook zien leden uit verschillende landen zichzelf als lid van dezelfde kerk. Een lid van de Russisch-Orthodoxe Kerk beschouwt zich geen lid van de Russisch-Orthodoxe Kerk, maar van de Heilige Orthodoxe Kerk.
Net als het protestantisme worden de oosters-orthodoxe kerken niet centraal geleid door één persoon. Er bestaat wel een centrale organisatie: het oecumenisch patriarchaat van Constantinopel. De leider van die kerk wordt gezien als de vertegenwoordiger van de oosters-orthodoxe kerken wereldwijd. Hij heeft daardoor een zekere invloed, maar geen autoriteit. De "patriarch van Constantinopel" daarin niet vergelijkbaar met de paus.
In plaats daarvan heeft iedere kerk haar eigen bestuur en haar eigen patriarch. Die functie is vergelijkbaar met de paus binnen de Rooms-Katholieke Kerk. Hij wordt gezien als een spiritueel leider en heeft gezag binnen zijn eigen kerk. Doordat er meerdere oosters-orthodoxe kerken zijn, zijn er ook meerdere patriarchen.
Verschillende kerken

De oosters-orthodoxe kerken zijn geen gemeenschappelijke kerk zoals de Rooms-Katholieke Kerk. In plaats daarvan zijn zij een verzameling van kerken met min of meer dezelfde tradities en ideologie. Toch zijn zij allemaal zelfstandig. Met en moeilijk woord wordt dat autofecaal genoemd. De autofecale kerken worden in vier categorieën verdeeld:
- De oude patriarchaten: dat zijn de vier originele patriarchaten van de oosters-orthodoxe kerk. Zij bestonden al lang voordat de oosters-orthodoxe kerken zich afscheiden van de Rooms-Katholieke Kerk. De vier patriarchaten zijn:
- De nieuwe patriarchaten: die kerken zijn later ontstaan. In tegenstelling tot de andere autofecale kerken hebben zij de status van de patriarchaat. Dat zijn:
- De overige autofecale kerken: die kerken worden erkend door de andere orthodoxe kerken en het Oecumenisch patriarchaat. Dat zijn:
- De autonome kerken: die kerken zijn zelfstandig, maar vallen onder een patriarchaat voor bijvoorbeeld de benoeming van bisschoppen. Daaronder vallen onder andere de volgende kerken:
Daarnaast zijn er nog een aantal oosters-orthodoxe kerken die niet erkend worden door andere orthodoxe kerken. Dat geldt bijvoorbeeld voor de Montenegrijns-Orthodoxe Kerk en de Turks-Orthodoxe Kerk.
De positie van de Oekraïens-Orthodoxe Kerk is een twistpunt binnen de oosters-orthodoxe gemeenschap. Sommige kerken erkennen de Oekraïens-Orthodoxe Kerk namelijk als aparte kerk, terwijl anderen haar juist als onderdeel van de Russisch-Orthodoxe Kerk beschouwen. Daarbij speelt de Russische invasie van Oekraïne sinds 2022 een belangrijke rol.
Heilige Synode
Naast het Oecumenisch patriarchaat van Constantinopel werken de oosters-orthodoxe kerken ook samen. Er vindt overleg plaats tussen de patriarchen van de kerk. Zo'n overleg wordt een Heilige Synode genoemd.
Kenmerken en tradities
Theologie en organisatie

De oosters-orthodoxe kerken hebben enkele kenmerken die soms verschillen van de Rooms-Katholieke Kerk en het protestantisme. In de oosters-orthodoxe kerken zijn alle bisschoppen gelijk aan elkaar. De patriarch van Constantinopel heeft weliswaar een leiderschapsrol, maar wordt als gelijke gezien. In het Latijn noemt men dat primus inter pares (eerste onder gelijken). De oosters-orthodoxe kerken houden vast aan de eerste zeven oecumenische concilies. Zij erkennen de latere concilies niet.
Bij de oosters-orthodoxe kerken staat de Heilige Geest centraal. De Heilige Geest woont in de kerk en in iedere gelovige. Hij is de brug tussen de menselijke wil en God. Anders dan in de westerse kerken geloven de oosters-orthodoxe kerken dat de Heilige Geest alleen voortkomt uit de Vader en niet uit de Zoon. Dat is ook de oorspronkelijke formulering waar de oosters-orthodoxe kerken aan vasthouden.
Als een persoon overlijdt, geloven oosters-orthodoxe christenen dat de ziel van het lichaam gescheiden wordt. De ziel kan nog een korte tijd ronddwalen op aarde. Na een tijdje wordt de ziel opgenomen in de hemel of de hel. In de oosters-orthodoxe kerk bestaat het vagevuur dus niet. De ziel blijft in de hemel of de hel tot de Dag des Oordeels. Dan zullen de ziel en het lichaam herenigd worden.
In de oosters-orthodoxe kerken geldt een celibaat voor bisschoppen en monniken. Zij mogen dus net als in de Rooms-Katholieke Kerk niet trouwen. Iedere bisschop is begonnen als monnik, waardoor dat ook geldt voor monniken. In tegenstelling tot de Rooms-Katholieke Kerk geldt het celibaat niet voor priesters. Zij mogen dus wel trouwen. Overigens kunnen alleen mannen priester worden.
Uiterlijke kenmerken

De oosters-orthodoxe kerken staan bekend om hun iconen. In oosters-orthodoxe kerken is vaak een wand aanwezig met veel iconen (de iconostase). De iconen zijn "vensters op de eeuwigheid". Zij beeldden vaak Bijbelse figuren of heiligen uit. De iconen zijn bemiddelaars tussen het hemelse en de gelovige. Zij worden ook vereerd. Gelovigen buigen en kussen de icoon, zetten kaarsjes voor de icoon of slaan een kruis een voor de icoon. Dat wordt binnen die kerken niet gezien als afgoderij. Zij worden namelijk vereerd en niet aanbeden.
De liturgie van de kerk is gebaseerd op de Byzantijnse liturgie. Daarbij spelen zintuigelijke ervaringen een belangrijke rol. Zo wordt tijdens de diensten gebruikgemaakt van mystiek en wierook. Gezang in de oosters-orthodoxe kerken gebeurt altijd zonder muziekinstrumenten. Dat noemt men a capella. De kerkgebouwen zijn meestal kruis-, cirkel- of stervorming. Ook wordt er veel gebruikgemaakt van koepels. Dat symboliseert een cyclus (oftewel iets dat als maar doorgaat).
Bij de doop wordt een gelovige volledig ondergedompeld. In westerse kerken wordt hij/zij vaak besprenkeld. Ook wordt het kruisteken in de oosters-orthodoxe kerken de andere kant opgemaakt. Men gaat van het voorhoofd naar de rechterschouder en dan de linkerschouder. In westerse kerken gaat men eerst naar de linkerschouder en dan pas naar de rechterschouder.
Kalender en feestdagen

Een deel van de oosters-orthodoxe kerken gebruikt de Gregoriaanse kalender, terwijl een ander deel de Juliaanse kalender gebruikt. Dat speelt een belangrijke rol bij de datum waarop Kerstmis gevierd wordt. In de Russisch- en Servisch-Orthodoxe Kerk wordt de Juliaanse kalender gebruikt. Daardoor valt kerstmis in Servië en Rusland in januari. Vaak wordt orthodox kerstmis genoemd. Serven en Russen vieren Kerstmis dus aan het begin van het nieuwe jaar. In andere kerken gebruikt men de Gregoriaanse kalender zoals in de Grieks-Orthodoxe Kerk. Daardoor valt Kerstmis op 25 en 26 december. Sommige oosters-orthodoxe kerken volgen dus de westerse traditie.
Bij kerken die Juliaanse kalender gebruiken, vallen andere feestdagen ook later in het jaar. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste feestdagen in de oosters-orthodoxe kerken:
- Kerstmis (januari)
- Nieuwjaar (januari)
- Driekoningen (januari)
- Asmaandag
- Goede Vrijdag
- Paaszaterdag
- Pasen
- Pinksteren
- Maria Tenhemelopneming
- Presentatie van Maria
Daarnaast hebben individuele kerken nog vaak andere feestdagen, bijvoorbeeld voor belangrijke heiligen.
Sacramenten (Heilige Geheimen)
In de oosters-orthodoxe kerken heeft men zeven sacramenten. Orthodoxe gelovigen noemen die sacramenten vaak Heilige Geheimen (Mysterion). Die zeven sacramenten zijn de volgende:
- Doopsel: de toegang tot het geloof. De gelovige wordt volledig ondergedompeld en ontvangt de Heilige Geest.
- Myronzalving: de doop wordt bevestigd en de Heilige Geest wordt teruggegeven.
- Eucharistie: wijn en brood wordt ontvangen als het bloed en lichaam van Jezus Christus.
- Verzoening (of de biecht): de zonden worden vergeven.
- Ziekenzalving: het gebed voor de genezing van lichaam en geest.
- Huwelijk: het huwelijk wordt gezegend.
- Wijding: diakens, priesters en bisschoppen worden ingewijd.
Het doopsel, de myronzalving, de eucharistie en verzoening zijn verplichte sacramenten. De andere sacramenten zijn optioneel.