Lodewijk Napoleon Bonaparte

Uit Wikikids
(Doorverwezen vanaf Louis Bonaparte (1778-1846))
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Koning Louis Napoleon in 1809

Louis Bonaparte (of Lodewijk in het Nederlands - Ajaccio, 2 september 1778 - Livorno, 25 juli 1846), was een jongere broer van Napoleon Bonaparte, keizer van de Fransen. Lodewijk Bonaparte was koning van Nederland van 1806 tot 1810, regerend over het Koninkrijk Holland (eigenlijk een Franse vazalstaat wat ongeveer overeenkomt met het huidige Nederland).

Hij was de zoon van Carlo Bonaparte en Maria-Letizia Ramolino.

Hij en zijn broers en zussen werden allemaal geboren op Corsica, dat minder dan tien jaar voor zijn geboorte door Frankrijk was veroverd. Louis volgde zijn oudere broers in het Franse leger, waar hij profiteerde van de bescherming van Napoleon.

In 1806 liet Napoleon het Koninkrijk Holland ontstaan in plaats van de Bataafse Republiek. Napoleon benoemde Lodewijk als de nieuwe koning. Napoleon had het plan gehad dat Holland niet meer dan een 'marionettenstaat' zou zijn, maar Lodewijk was vastbesloten om zo onafhankelijk mogelijk te zijn en werd in feite behoorlijk populair onder zijn nieuwe volk. De besluiten die Louis nam werden niet altijd gewaardeerd door Napoleon. Die werd moe van de eigenzinnigheid van zijn broer en voegde Nederland in 1810 bij het Franse rijk en Louis ging in ballingschap. Zijn jongste zoon, Louis-Napoléon, stichtte in 1852 het Tweede Franse Keizerrijk en riep zichzelf uit tot Napoleon III.

Familie

Familie van Louis

Louis had vier broers; Joseph Bonaparte, Napoleon Bonaparte, Lucien Bonaparte en Jérôme Bonaparte, en drie zussen; Élisa Bonaparte, Pauline Bonaparte en Caroline Bonaparte.

Op 4 januari 1802 trouwde hij met zijn stiefnicht Hortense de Beauharnais, de dochter van keizerin Joséphine (de vrouw van Napoleon). Louis en Hortense kregen drie zoons:

Jonge leven

Louis-Bonaparte en het uniform van de kolonel van het 5e regiment de dragons

De vroege carrière van Louis Bonaparte werd doorgebracht in het leger en hij diende bij Napoleon in Egypte. Dankzij zijn oudere broer Napoleon, kreeg Lodewijk een functie in het Franse leger en werd hij bevorderd tot luitenant in het 4e artillerieregiment, en van daaruit werd hij assistent van de staf van Napoleon. Napoleon deed tijdens zijn Italiaanse veldtocht een goed woordje voor Lodewijk bij Lazare Carnot, de minister van oorlog. Hierdoor werd Lodewijk vervolgens tot kapitein benoemd. Later werd hij op 25-jarige leeftijd generaal, hoewel hij zelf vond dat hij in te korte tijd te hoog was gestegen.

Bij de terugkeer van Louis naar Frankrijk, was hij betrokken bij het complot van Napoleon om het Directoire (ze maar de Franse regering) omver te werpen. Nadat hij de eerste consul was geworden, regelde Napoleon een huwelijk tussen Louis en Hortense de Beauharnais, de dochter van keizerin Josephine, en dus de stiefdochter van Napoleon. Hortense, die aanvankelijk tegen het huwelijk was, werd door haar moeder overgehaald om met Louis te trouwen omwille van het gezin, en dat deed ze.

Louis leed vermoedelijk aan perioden van psychische aandoeningen. Deze perioden van depressie of mentale onevenwichtigheid zouden Louis tot aan zijn dood kwellen.

Koning van Holland (1806-1810)

Napoleon vond de Bataafse Republiek te onafhankelijk naar zijn zin en verving deze op 5 juni 1806 door het Koninkrijk Holland en plaatste Lodewijk op de troon. Napoleon was van plan geweest dat zijn jongere broer niet veel meer zou zijn dan een Franse prefect van Holland. Louis had echter zijn eigen mening en probeerde een verantwoordelijke en onafhankelijke vorst te zijn. In een poging om zich geliefd te voelen bij zijn geadopteerde land, probeerde hij de Nederlandse taal te leren; hij noemde zichzelf Lodewijk I (de Nederlandse vorm van zijn naam) en verklaarde zichzelf Nederlands in plaats van Frans. Het verhaal gaat dat zijn Nederlands aanvankelijk zo slecht was dat hij de mensen vertelde dat hij het "Konijn van 'Olland" was, in plaats van Koning van Holland. Zijn oprechte poging om Nederlands te leren leverde hem echter wat respect op van zijn onderdanen.

Nadat hij zichzelf Nederlander had verklaard, probeerde Lodewijk zijn hof ook Nederlands te maken. Hij dwong zijn hofhouding en ministers (meestal geleverd door Napoleon) om alleen Nederlands te spreken, en ook om afstand te doen van hun Franse staatsburgerschap. Dit laatste was te veel voor zijn vrouw Hortense die zijn verzoek afwees. Louis en Hortense hebben nooit met elkaar kunnen opschieten, en deze eis zette hun relatie nog meer onder druk. Ze kwam slechts met tegenzin naar Holland en probeerde opzettelijk Louis zoveel mogelijk te ontwijken.

Louis kon zich nooit voor vast vestigen op de locatie van wat zijn hoofdstad moest zijn terwijl hij in Nederland was. Hij veranderde meer dan twaalf keer van hoofdstad en probeerde Amsterdam, Den Haag, Utrecht en andere plaatsen. Op een keer, na een bezoek aan het huis van een rijke Nederlandse koopman, vond hij de plaats zo leuk dat hij de eigenaar er uit liet zetten zodat hij er kon gaan wonen. Daarna verhuisde Louis na zeven weken weer. Zijn constante beweging hield het hof in beroering omdat ze hem overal moesten volgen. Het Europese corps diplomatique (diplomaten) ging zelfs zo ver om Bonaparte te verzoeken op één plaats te blijven, zodat ze hem bij konden houden. Deze rusteloosheid werd later gekoppeld aan zijn vermoedelijke "waanzin".

Hortense baarde haar zonen in Parijs, terwijl Louis in Nederland was. In 1806 verzocht Louis dat zijn zoon naar hem in Nederland zou worden gestuurd, maar dat werd geweigerd door Hortense. Die geloofde dat haar zoon nooit naar Frankrijk zou worden teruggestuurd. Toen Lodewijk zijn broer Napoleon om hulp vroeg, koos Napoleon de kant van Hortense. Napoleon hield de jongen in zijn eigen hof en hij liet hem zelfs de erfgenaam van de Franse troon noemen voordat zijn eigen zoon werd geboren.

Bewind

Koning Lodewijk wilde werken voor het geluk en de welvaart van zijn volk; daarvoor wilde hij zijn koninkrijk leren kennen, niet alleen door rapporten maar ook door inspecties. Ook wist hij tal van hervormingen door te voeren op administratief, wetgevend, cultureel en gezondheidsgebied. Tijdens het bewind van Louis Bonaparte deden zich twee grote ongelukken voor: de explosie van een vrachtschip geladen met buskruit in het hart van de stad Leiden in 1807, en een grote overstroming in Nederland in 1809. In beide gevallen hield Louis persoonlijk toezicht op de plaatselijke hulpacties, die hem de titel van Lodewijk de Goede hielpen verdienen. Napoleon leek teleurgesteld en merkte op: "Broeder, als ze van de één of andere koning zeggen dat hij goed is, betekent dit dat hij gefaald heeft in zijn heerschappij."

Hij zorgde ervoor dat er één muntslag kwam in Utrecht (de munt) in 1806. In 1812 voerde hij het metriek stelsel of tiendelige stelsel met de meter als voorbeeld in.

Religie

Religieuze minderheden kregen meer rechten. Weliswaar had de Bataafse Revolutie burgerlijke gelijkheid verleend aan joden en katholieken, maar in de praktijk was discriminatie absoluut niet verdwenen. Daarom riep hij in 1808 officieel de religieuze gelijkheid uit, bracht hij Joodse vertegenwoordigers in het bestuur en ergerde hij zich aan het gebrek aan belangstelling van katholieken die ervoor bleven terugdeinzen. Op bevel van de koning gaven de protestanten zelfs enkele gebedshuizen terug aan katholieken, zoals de Sint-Jan-kathedraal in 's-Hertogenbosch.

Burgelijk wetboek

Het Franse Burgerlijk Wetboek werd aangepast en aangenomen op 1 mei 1809 en Louis liet ook een nationaal wetboek van strafrecht opstellen, dat even later werd voltooid. Louis sprak zijn wens uit om de Nederlandse wetten zo vorm te geven dat die bij voorkeur voldoen aan duidelijkheid en precisie, en die het meest gunstig zijn voor het behoud van de moraal en het nationale karakter. De liberale ideeën van Louis werden weerspiegeld in de nieuwe code met de afschaffing van marteling en dwangarbeid. Tijdens de voltooiing van het wetboek van strafrecht vertraagden de minister van Justitie en Politie, Cornelis van Maanen en juristen in het algemeen de nogal humanitaire (menselijke) vooruitgang die werd voorgesteld door Louis die de doodstraf, boetes en onrechtvaardige geldstraffen voor de armen wilde afschaffen; in feite maakte hij genereus (edelmoedig) gebruik van het recht op gratie, wat zijn broer Napoleon nogal irriteerde.

Cultuur

Louis was zeer geïnteresseerd in cultuur en was zich ervan bewust dat de wetenschappen en de kunsten een belangrijke bijdrage leveren aan de reputatie (hoe anderen over je denken) en welvaart van een natie en aan de vooruitgang van de menselijke geest. Hij nam veel initiatieven op dit gebied:

  • algemene richting van de schone kunsten
  • het Koninklijk Museum van Amsterdam, de voorganger van het Rijksmuseum
  • het Koninklijk Instituut voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten, de voorloper van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen
  • de koninklijke bibliotheek
  • herontdekking en herinrichting van Paleis Huis ten Bosch, Paleis het Loo en het Paleis op de Dam
  • hij probeerde het niveau van de Nederlandse schilderkunst op het gebied van het grote genre (geschiedenisschilderij) te verhogen. Goede smaak verspreidde zich vervolgens naar de hele bevolking

Gezondheidsbeleid

Het gezondheidsbeleid was een 'stokpaardje' van de koning, met in het bijzonder de vaststelling van hygiëneregels, de ontwikkeling van steden en het beheer van dijken:

  • hij maakte zich zorgen over de nationale hygiëne. Drs. Esther Starkenburg van de Vrije Universiteit van Amsterdam heeft onderzocht en laten zien hoe deze koning bijzondere zorg besteedde aan het opstellen van hygiëneregels om de gezondheid van iedereen te garanderen. Zo probeert hij de Nederlanders over te halen zich tegen de ziekte te laten vaccineren
  • in de hoofdstad Amsterdam laat hij fonteinen en openbare tuinen aanleggen zodat water en lucht circuleren. Louis wilde Amsterdam zuiveren door zich te concentreren op de drie elementen die hem bezighielden bij zijn keuze voor een buitenverblijf: lucht, eten, beweging. Napoleon gaf hem uiteindelijk geen tijd om dit programma helemaal uit te voeren.

Schoolbeleid

Louis zag de school als een middel tot vooruitgang en nationale eenwording. Door uniforme (gelijkvormige) lessen, landelijk beleid, standaardisatie van het lesprogramma en openbare inspectie van leraren en scholen is een samenhangend schoolsysteem ontstaan. Dit streven van de Bataafse revolutie paste bij Lodewijk, wiens beleid erop gericht was zijn koninkrijk tot één natie te maken.

Familienamen

Om eenheid in de gemeentelijke systemen te krijgen, werd in de Franse tijd (1799-1815) besloten dat iedereen die nog geen achternaam had er één moest kiezen, en dat achternamen altijd van vader op kind zouden overgaan.

Dit maakte het registreren van achternamen veel duidelijker. In 1811 werd de burgerlijke stand opgericht in de gemeenten.

Duur

Loeuis Bonaparte, koning van Holland met zijn zoon

Het bewind van Louis Bonaparte was van korte duur om twee redenen: de eerste was dat Napoleon de waarde van Franse leningen van Nederlandse investeerders met tweederde wilde verminderen, wat een serieuze economische klap voor Nederland betekende. De tweede reden was dat Napoleon eiste dat Lodewijk troonsafstand moest doen. Ondertussen was Napoleon een leger aan het voorbereiden voor zijn invasie van Rusland. Hij wilde troepen soldaten uit het hele gebied dat onder zijn controle was. Dit waren dus ook troepen uit Nederland. Louis, confronteerde hem met de vraag of dat wel nodig was, maar zijn broer weigerde pertinent de Nederlandse dienstplicht over te slaan. Napoleon beschuldigde Lodewijk er vervolgens van de Nederlandse belangen boven die van Frankrijk te stellen, en verwijderde de meeste Franse troepen in Nederland voor de komende oorlog in het oosten (Rusland), waardoor er slechts ongeveer 9.000 garnizoenssoldaten in de Nederlanden achterbleven. Helaas voor Louis landden de Engelsen in 1809 met een leger van 40.000 man in een poging om Antwerpen en Vlissingen in te nemen. Omdat Louis niet in staat was zijn rijk te verdedigen, stuurde Frankrijk 80.000 milities, onder bevel van de toekomstige koning van Zweden Jean-Baptiste Bernadotte en werd met succes de invasie van de Engelsen afgeslagen. Napoleon stelde toen voor dat Lodewijk zou aftreden, daarbij wijzend naar Lodewijk dat die niet in staat was om het koninkrijk Holland te beschermen. Lodewijk weigerde en verklaarde de bezetting van het Koninkrijk door een Frans leger als onwettig. Op 1 juli 1810 deed Lodewijk afstand van de troon ten gunste van zijn tweede zoon, Napoleon Louis Bonaparte, de latere koning Lodewijk II van Nederland. Hij vluchtte op 2/3 juli uit Haarlem en vestigde zich in Oostenrijk. Maarschalk Nicolas Charles Oudinot viel op 4 juli Nederland binnen. Op 9 juli voegde Napoleon bij wet Nederland bij Frankrijk (de annexatie.

Louis' zoon Napoleon Louis Bonaparte werd prins Royal van Holland na de dood van zijn oudere broer (1807), en was slechts acht dagen koning in 1810 als Louis II (Lodewijk II - met zijn moeder Hortense de Beauharnais als regentes), tussen de troonsafstand van zijn vader Louis (1 juli) en de val van Holland aan het binnenvallende leger van Napoleon Bonaparte. Tussen 9 juli 1810 en december 1813 was Keizer Napoleon dus de heersende vorst in Nederland.

Napoleon Louis Bonaparte stierf op 17 maart 1831 aan mazelen en zijn lichaam werd begraven in Saint-Leu-La-Foret, Île-de-France.

Ballingschap

De Oostenrijkse keizer Frans I ontving hem eerst als broer van zijn zoon naar Wenen en daarna naar Graz. Daar ontmoette hij Johann Wolfgang von Goethe. Na Napoleon's eerste nederlagen in Rusland, zag hij zijn broer nog een laatste keer op de Tuileries op 23 januari 1813, waarbij hij zich tevergeefs aanbood als tussenpersoon tussen Napoleon en de Russische en Oostenrijkse keizers. De ineenstorting van het rijk maakte een terugkeer naar de Nederlandse onafhankelijkheid mogelijk: Lodewijk werd door enkele Nederlandse notabelen (mensen met aanzien) genoemd om weer koning van Holland te worden, ondanks het anti-Franse gevoel dat de inlijving bij Frankrijk door Napoleon had doen groeien. Vanwege zijn gezondheid gaf hij het op om de kroon opnieuw in bezit te nemen door een staatsgreep ter plaatse. De lokale elites gaven sowieso de voorkeur aan de terugkeer van het Huis van Oranje-Nassau. In december 1813, wordt Willem I der Nederlanden tot koning uitgeroepen. Toen het anti-Napoleontische gevoel ook steeds sterker werd in Zwitserland, accepteerde hij de uitnodiging van paus Pius VII om naar Rome te komen, waar andere leden van de familie Bonaparte ook woonden, en bleef een vreemdeling toen Napoleon in 1815 terugkeerde.

Hij publiceerde Historical Documents on the Government of Holland (Paris, 1820), een belangrijk werk over de geschiedenis van het Koninkrijk Holland. Hij was ook geïnteresseerd in de geschiedenis van het Britse parlement .

Wapen

Wapen van Koninkrijk Holland en Koning Lodewijk (1808)


 
Koningen van Koninkrijk Holland en het (Verenigd) Koninkrijk der Nederlanden (inclusief regentessen)

Koninkrijk Holland: Lodewijk I · Lodewijk II · Hortense (regentes)
(Verenigd) Koninkrijk der Nederlanden: Willem I · Willem II · Willem III · Emma (regentes) · Wilhelmina · Juliana · Beatrix · Willem-Alexander

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Lodewijk_Napoleon_Bonaparte&oldid=761302"