Liberale Unie
Liberale Unie | |
Oprichting | 4 maart 1885 |
Opheffing | 16 april 1921 |
Actief in | Nederland |
Stroming | Vrijzinnig liberalisme |
Oprichter(s) | Hendrik Goeman Borgesius |
Overig | |
Opvolgende partij(en) | Liberale Staatspartij |
Afsplitsing(en) | Bond van Vrije Liberalen Vrije Liberalen Radicale Bond |
Portaal Politiek |
De Liberale Unie (LU) was Nederlandse politieke partij die tussen 1885 en 1921 bestond. Zoals de naam zegt, was de Liberale Unie een liberale partij. De partij vertegenwoordigde de liberalen tijdens de verzuiling. De Liberale Unie was tijdens haar bestaan een van de grote partijen van Nederland. Het heeft deelgenomen aan verschillende regeringen en zelfs enkele premiers geleverd. In 1921 ging de Liberale Unie op in de Liberale Staatspartij (die toen nog de Vrijheidsbond heette).
De Liberale Unie zette zich in voor individuele vrijheid en een kleine overheid. Ook was de partij voorstander van vrouwenrechten, goede sociale wetten, meer democratie en openbaar onderwijs. De partij was dus gematigd progressief.
Geschiedenis
De Liberale Unie werd opgericht in 1885. Al lang hiervoor dat Nederland liberale politici, maar deze waren verdeeld over twee groepen (de Kappeynianen en de Gleichmanianen). De Liberale Unie werd opgericht om deze twee groepen met elkaar te verbinden. De partijen had hierdoor drie vleugels; de progressieve liberalen (die snel verandering wilden), de conservatieve liberalen (die dit niet wilden) en de gematigden.
Een belangrijk punt voor de Liberale Unie was de uitbreiding van het kiesrecht. De liberalen geloofden dat alle mannen (en later ook alle vrouwen) moesten kunnen stemmen. Johannes Tak van Poortvliet stelde in 1894 voor om het kiesrecht uit te breiden. Dit was zo erg vooruitstrevend dat zijn plannen niet doorgingen. Ook veel liberalen vonden dit te ver gaan. Tak van Poortvliet verliet vervolgens de partij en richtte samen met anderen de Vrije Liberalen op. Zij hadden veel succes en vormden samen de Liberale Unie een kabinet onder Nicolaas Pierson.
Het kabinet-Pierson werd het kabinet van sociale rechtvaardigheid. Zo werd de woningwet ingevoerd waardoor de leefomstandigheden verbeterd werden. Ook kwam er een strengere leerplicht en een wet voor werkongevallen. Toch werd het algemeen kiesrecht niet uitgebreid, waardoor de Vrije Liberalen teleurgesteld waren. Ook progressieve liberalen binnen de Liberale Unie scheidden zich af. Zij richtten in 1901 de Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB) op.
De Liberale Unie was lang een van de grootste partijen van Nederland. Onder premier Pieter Cort van der Linden werd uiteindelijk het algemeen kiesrecht ingevoerd in 1917. Bij de verkiezingen hierna leed de Liberale Unie een grote nederlaag. Waar de partij eerst nog 21 van de 100 zetels, hield de partij er in 1918 slechts 6 van over. Door het algemeen kiesrecht konden veel arbeiders stemmen. Zij stemden allemaal massaal op de christelijke en socialistische partijen.
In 1921 ging de Liberale Unie samen met de Bond van Vrije Liberalen en nog wat kleinere liberale partijen in de Vrijheidsbond, die in 1937 werd omgevormd in de Liberale Staatspartij.