Help mee! Maak een account en maak WikiKids beter!

Masai

Uit Wikikids
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Wie zijn de Masai?

Kenia (groen) en Tanzania (geel) op de kaart

De Masai is een van de bekendste volken uit Afrika. De Masai leven in het midden en zuiden van Kenia en in het noorden van Tanzania. In Kenia leven ongeveer 1.189.522 Masai en in Tanzania ongeveer 800.000. Met kleding gemaakt van rode doeken (shúkà) en opvallende sieraden vallen ze meteen op in het Afrikaanse landschap. De Masai zijn nomaden en hebben dus geen vaste woonplaats. Ze trekken rond en leven van de natuur.

Geloof

Tegenwoordig geloven veel Masai in het christendom. Maar het grootste deel gelooft in de god Engai of Enkai. Deze god had drie zonen en gaf elke zoon een cadeau. Het oudste kind kreeg een pijl en boog. Het tweede kind gaf hij een ploeg. En het derde kind kreeg een stok om herder te zijn van het vee. Deze jongste zoon is de voorouder van de Masai, alle Masai stammen van hem af. Door dit verhaal geloven de Masai dat ze al het vee van de hele wereld cadeau kregen en ze de taak hebben om ervoor te zorgen en ervan te leven.

Het vee van de Masai

Vee is alles voor de Masai

De Masai geloven dus dat zij het vee cadeau kregen van hun god. Daarom zorgen ze goed voor de geiten, schapen en koeien. En ze leven van deze dieren. Ze eten vooral het vlees en eten bijna geen groenten en fruit. De Masai drinken ook de melk en het bloed van de dieren. De melk wordt vaak gemengd met urine (plas) van koeien om slechte bacteriën te doden. Dat klinkt misschien een beetje vies, net als het drinken van bloed. Maar ook dit is een traditie van de Masai. Het bloed wordt alleen gedronken bij speciale momenten of als er te weinig melk is. Een bijzonder dieet. En toch zijn de Masai super gezond.

Een kleurrijke taal

Net zo bijzonder als de eetgewoontes, is de taal van de Masai. Naast de officiële landstalen Engels en Swahili spreken en schrijven veel Masai het Maa. Deze taal kent wel dertig woorden voor kleuren en ongeveer twintig woorden voor kleuren met een patroon. + Sikítóì betekent bijvoorbeeld geel en túlélèì is glimmend geel. Maar ze kennen ook een apart woord voor een gestipt of geruit patroon met de kleuren rood, zwart of bruin. Dat noem je márà. De Masai kennen ook veel woorden voor grijs en bruin. En daar hebben ze een goede reden voor. De Masai tellen hun dieren niet om te weten of ze er allemaal zijn. Ze kijken naar de speciale kleuren en kenmerken van de dieren om ze uit elkaar te houden. Net zoals de kinderen in de klas, of je groepje vrienden. Die tel je ook niet, je herkent ze meteen en weet dan wie er wel of niet is.

Masai-vrouwen in traditionele kleding

Sieraden en kleding

De Masai dragen één of twee doeken (shúkà), die ze om hun lichaam knopen. Over hun schouders dragen ze een groot doek die ze een kanga noemen. Deze doek beschermt ze overdag tegen de zon en 's ochtends en 's avonds tegen de kou. De doeken kunnen verschillende kleuren en patronen hebben, maar de meeste shúkà zijn rood. Rood is de kleur van het bloed en het leven en schrikt volgens de Masai wilde dieren af. De mannen en krijgers dragen ook vaak speren en schilden. De vrouwen niet.

Het volk houdt ook van versieringen. Mannen en vrouwen dragen oorbellen, armbanden en enkelbandjes. Ook dragen ze veel kettingen, die gemaakt zijn van kleine kraaltjes waarvan elke kleur een aparte betekenis heeft. Een witte kraal betekent bijvoorbeeld vrede en een blauwe kraal staat voor water. Ook kun je aan een ketting zien of iemand getrouwd is of niet. Op de foto zie je de traditionele kleding, maar de kledingstijl van de Masai verandert. Dichter bij de stad dragen Masai niet zoveel sieraden en meer normale kleren, zoals een spijkerbroek met een T-shirt.

De springdans

Springen als de beste

De Masai zijn een muzikaal en ritmisch volk. Ze kennen veel tradities en rituelen waarbij ze zingen en dansen. Een voorbeeld hiervan is de springdans, die de Masai adumu noemen. In deze dans laten Masai-jongens zien dat ze sterk en volwassen worden. Hoe hoger je springt, hoe meer kracht en uithoudingsvermogen je hebt. Met slippers van autobanden springen ze een paar keer kort op en neer, waarna ze in één keer wel anderhalve meter de lucht in springen! De Masai dansen niet alleen op een bijzondere manier, maar ze kennen ook een speciaal soort zang. De Masai is een van de weinige volken ter wereld dat de keelzang kent. Met hun keel maken ze een laag en brommend geluid. Zo proberen ze het vee na te doen.

Een Masai-huis

Wonen

De Masai zijn nomaden en hebben geen vaste woonplaats. Ze wonen maar een tijdje in kleine dorpjes die ze boma noemen. Om het dorp staat een hek van doorntakken om de wilde dieren op afstand te houden. In de boma staan de hutten en in het midden is een plek voor het vee. Deze tijdelijke dorpen en huizen worden met simpele technieken en met materialen uit de natuur gemaakt. Zo kan alles snel worden gebouwd en afgebroken, om weer verder te trekken. De hutten zijn vaak rechthoekig met ronde hoeken of helemaal rond. Eerst bouwen de Masai een basis van gevlochten takken. De gaten worden daarna opgevuld met modder en koeienpoep. De hutten zijn niet groot, maar hebben wel vier kamers:

  • een slaapkamer voor de man;
  • een slaapkamer voor de vrouwen en kinderen;
  • een huiskamer met een vuurplaats en
  • een kamer voor de zieke dieren.

Invloeden van de buitenwereld

Door globalisering komt de wereld steeds meer in contact met elkaar. Cultuur, politiek en economie raken wereldwijd verbonden en beïnvloeden elkaar. Zo heeft onze westerse cultuur ook veel invloed op het leven van de Masai. Dat zie je heel goed terug in de kledingstijl van de Masai. Vroeger droegen de Masai traditionele kleding gemaakt van doeken, maar tegenwoordig zijn er veel Masai die zich net zo kleden als wij. De Masai passen zich aan aan het moderne leven. Ze rijden op brommers en gebruiken ook gewoon een mobieltje. De cultuur verandert, en er zijn nog veel meer gebeurtenissen die invloed hebben op het leven van de Masai.

Toeristen ontmoeten de Masai

Leven in een reservaat

De Masai leven tegenwoordig niet meer in de vrije natuur maar in beschermde gebieden of natuurreservaten. De overheid maakte deze gebieden om de oorspronkelijke bevolking en wilde dieren te beschermen. De reservaten zijn prachtig en je kunt er leuke safaritrips maken. Maar ze veranderen de leefwijze van de Masai totaal. Zoals je hierboven leest, is de Masai van oorsprong een nomadenvolk dat rondtrekt en leeft van vee. Dit leven is alleen niet mogelijk in een reservaat. Er is te weinig ruimte om het vee te laten grazen. De Masai konden daarom niet alleen meer van het vee leven en gingen ook voedsel verbouwen. Het volk ging dus leven van de landbouw. Maar om planten te oogsten, te zaaien en te onderhouden moet je wel bij je land blijven. De Masai trekken daarom niet meer rond, maar wonen in de dorpen bij elkaar.

Toerisme

De aanleg van de reservaten had dus grote invloed op het nomadische leven van de Masai. Maar er is iets dat misschien nog wel meer invloed heeft op de cultuur van dit bijzondere volk. Er zijn steeds meer toeristen die op safari gaan en op de foto willen met de Masai. Vaak gaat het dan om duurzaam toerisme. Dit wil zeggen dat toerisme goed is voor de oorspronkelijke bevolking, de natuur beschermt en leuk en leerzaam is voor bezoekers. De Masai profiteren van duurzaam toerisme. Ze geven rondleidingen in hun dorpen en verdienen zo wat extra geld. Duurzaam toerisme heeft een positief effect op het leven van de Masai. Maar er zijn ook negatieve gevolgen. De grote hoeveelheid bezoekers en safaritrucks beschadigen het land. Daardoor wordt het voor de Masai lastiger om voedsel te verbouwen en is er een tekort aan eten. Ook zie je vaak dat de rondleidingen in de dorpen helemaal niet worden gegeven door de Masai-bevolking, maar door grote bedrijven uit het buitenland. De toeristen komen dan niet echt in contact met de bevolking en de Masai verdienen dan niks aan de toeristen. Toerisme heeft dus negatieve, maar ook positieve gevolgen voor de Masai.

School

Ook een positieve verandering: steeds meer Masai-kinderen gaan naar school. Als de kinderen zes jaar zijn, gaan ze naar een school die bij hun stam hoort. Op deze school leren ze het alfabet en de basis van rekenen. Sommige scholen geven ook les in de officiële landstalen Engels en Swahili. Als de kinderen ouder worden, gaan ze naar een andere school in de stad of een dorp dichtbij. Veel leerlingen lopen grote afstanden naar school, maar soms is er ook een schoolbus. Al dit onderwijs zorgt ervoor dat de Masai-kinderen meer kans hebben op een beter leven. Ze kunnen kiezen voor een modern leven met werk in de stad of ze blijven op de traditionele manier leven. Net als hun (groot)ouders.

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Masai&oldid=658239"