HMAV Bounty

Uit Wikikids
Naar navigatie springenNaar zoeken springen
Een tekening van de Bounty uit een boek van Jules Verne.

De HMAV Bounty, afkorting voor Her Majesty Armed Vessel Bounty, was een schip dat in 1784 werd gebouwd. Het schip was onderdeel van de Britse Marine.

Oorspronkelijk heette het schip de Bethia. Het schip is gemaakt in Kingston-upon-Hull (of gewoon Hull). Op 26 mei 1887 werd het door de Britse marina gekocht. Het schip ging op een speciale missie naar Tahiti. Hoewel het schip op bestemming aankwam, is het nooit meer teruggekomen in het Verenigd Koninkrijk.

Het schip heeft een belangrijke betekenis voor de geschiedenis en de bevolking van de Pitcairneilanden. In 1957 werden de restanten van het schip gevonden.

De heenreis

De HMAV Bounty, toen nog Berthie, werd in 1784 gebouwd in het Engelse Kingston-upon-Hull. De Britse marine betaalde £1.950 (Britse pond) voor het schip en noemde het de HMAV Bounty. De HMAV Bounty was geen groot schip. In vergelijking met andere Britse schepen was dit schip ook nog best klein. Het schip kon zich verdedigen. Het was uitgerust met vier lichte kanonnen.

De Bounty ging op missie voor een bepaald experiment. Het schip moest varen naar Tahiti. Hier moest het schip een aantal broodboompjes ophalen. Vervolgens moesten deze boompjes via het schip worden gebracht naar Brits-West-Indië. Hier waren veel plantages waar slaven werkten. De broodboompjes werden daar aangeplant, in de hoop dat ze zouden groeien. Zo was er een goedkoop voedingsmiddel voor de slaven.

De kapitein wordt in een sloep met andere van het schip gezet.

Zo werd er dus begonnen aan de reis. Op 23 december 1787 verliet de Bounty de haven van Spithead. Na tien maanden bereikte de Bounty in 1788 het eiland Tahiti. In een periode van de vijf maanden werden de boompjes verzameld. Een deel van de bemanning woonde op het schip en een deel aan land. Zo konden de boompjes goed verzorgd worden. 3 bemanningsleden waren opeens verdwenen, toen het schip wilde vertrekken. Ze werden later weer gevonden en kregen elk een zware straf. Op 4 april 1789 werd begonnen aan de terugreis naar Engeland.

De terugreis

Een aantal weken later liep de planning mis. Op 28 april 1789 kwam er een opstand (een muiterij) onder leiding van Fletcher Christian tegen de kapitein. Waarom er een opstand plaatsvond is niet helemaal duidelijk. De kapitein zou volgens velen zich verkeerd gedragen. Fletcher Christian voelde zich hierdoor vernederd en was boos. Toch was de kapitein vrij mild en het kan dus zijn dat de bemanning heimwee had naar het Tahiti, waar de omstandigheden beter waren. In het logboek staat dat de kapitein erg bitter was.

Van de 44 bemanningsleden waren er al twee overleden. De opstand werd gewonnen door Fletcher Christian en degene die aan zijn kant stonden. Negentien leden (inclusief de kapitein) werden in een sloep overboord gezet.

De sloep

Een kaart die de vaarroute van de Bounty laat zien. Rood is de route van de Bounty voor de opstand, geel na de opstand en groen van de sloep.

Hoe ging het eigenlijk verder met de sloep? Als eerste zaten negentien mensen op een kleine sloep in het midden van de oceaan. Je zou dan verwachten, dat de leden naar het dichtstbijzijnde eiland zouden varen. Eilanden waren er genoeg, maar de bewoners waren niet al te vriendelijk. Men kon terug naar Tahiti, maar dat lag tegen de wind in. De kapitein wilde zo snel als mogelijk terugkeren naar Engeland. Hij koos om te varen naar het eiland Timor. Hier hoopte hij een schip kunnen vinden, dat men naar Engeland zou brengen. Zijn ervaring als zeeman hielp hem om de tocht tot een goed einde te brengen. Er overleed slechts één persoon. Op 14 juni 1789 bereikte hij Timor, wat toen bij Nederland hoorde. Hier kocht hij een schip en voer naar Batavia. Hier boekte hij een reis naar Engeland, waar hij op 14 maart 1790 aankwam.

Hij vertelde over zijn avontuur. Een admiraal zette een schip in om de opstandelingen te vinden en te straffen. Dit was de HMS Pandora.

Verder op de Bounty

Het graf van John Adams. Hij maakte van Pitcairn een leefbaar eiland.

Hoe ging het verder met de Bounty? De nieuwe bemanning wilde terug naar Tahiti en daar kwamen ze aan op het eiland Tubuai. Ze bleven er een tijdje, maar ze vonden de plek toch niet veilig. Na drie maanden vertrok het schip weer. Van de 23 bemanningsleden bleven er 16 achter op het eiland. De andere zeven gingen samen met 6 Tahitiaanse mannen, 12 Tahitiaanse vrouwen en een baby verder varen.

De bemanning op Tahiti

De bemanningsleden die op Tahiti achterbleven voelden zich er thuis. De Pandora, die de opstandelingen moesten zoeken, zochten dan ook eerst op Tahiti. De onschuldigen konden naar Engeland terugkeren. De schuldigen moesten dat ook, maar in Engeland zouden ze worden berecht. De bemanning op Tahiti werd teruggehaald naar Engeland, maar ze overleefden de reis niet allemaal. Op Tahiti waren al twee leden overleden. Vier verdronken er ook nog eens tijdens een schipbreuk. De tien overgebleven mannen werden uiteindelijk berecht door de krijgsraad. Drie van hen werden ter dood veroordeeld.

De Bounty vaart verder

De bemanningsleden op de Bounty voeren verder. Op 15 januari 1790 belandde het schip op het eiland Pitcairn, onderdeel van de Pitcairneilanden. Het schip kon niet worden verborgen. Als van waarde werd uit het schip gehaald. Delen werden gesloopt en uiteindelijk werd het schip in de brand gestoken in Bounty Bay. Nog altijd ligt het schip hier. De scheepsbel en het anker zijn bewaard gebleven. De bemanningsleden en de Tahitianen stichtte een dorpje, waar de scheepsbel op het dorpsplein werd gehangen.

Het wrak van de Bounty.

Het leven was niet makkelijk en veel mannen stierven al na een paar jaar. Na 18 jaar werd het eiland herontdekt. Het enige lid wat nog over was gebleven was John Adams. Hij zag dat het niet langer meer zo kon en stichtte een samenleving op basis van de bijbel. Toen het eiland werd herontdekt in 1808 en 1814 arriveerde een Brits schip op het eiland. Slechts één van de ontvoerden keerde terug naar Tahiti in 1817. De rest bleef op Pitcairn wonen. Nog steeds stammen de bewoners van het eiland af van de oorspronkelijke bemanning en Tahitianen.

De Bounty tegenwoordig

Er blijft een herinnering aan de Bounty. In veel Engelstalige landen is het verhaal bekend. Er zijn verschillende films gemaakt over het schip. Vaak is daarin te zien dat het schip per ongeluk in de brand wordt gestoken, maar dit is expres gedaan.

In 1957 werd het wrak van de Bounty gevonden door de Amerikaan Luis Marden. Drie jaar later, in 1960, werd een replica gebouwd van de Bounty, de Bounty II. Dit schip werd gebruikt voor een film over het schip in 1962. In 2012 zorgde orkaan Sandy ervoor dat dit schip ook zonk. Tegenwoordig bestaat de Bounty III nog wel. Deze werd in 1979 gebouwd en werd gebruikt ook voor een film over het schip gebruikt. Dit maal in 1984 (The Bounty).

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=HMAV_Bounty&oldid=498889"