Tol (geld)
Tol is geld dat soms betaald moet worden om gebruik te kunnen maken van een weg (tolweg), brug (tolbrug) of iets vergelijkbaars. Tegenwoordig wordt de aanleg van een weg of brug meestal betaald uit de wegenbelasting. Bij uitzonderlijke gevallen wordt er extra tolgeld geheven om de onkosten van de tolweg of tolbrug (sneller) terug te verdienen. Vroeger kwam dat veel vaker voor, maar toen had je ook nog geen wegenbelasting. Voor je gebruik van de tolweg of tolbrug wilt maken passeer je een tolhuis, tolhek, tolboom, tolpaal of tolpoort. Hier betaal je de tol.
Het gebruik van een veerpont is vergelijkbaar. Daar betaal je ook voor om naar de overkant te varen.
Sinds de 20e eeuw wordt soms nog tol geheven bij verschillende bruggen en tunnels om ze te kunnen bekostigen, zoals de Zeelandbrug (tot 1993), de Kiltunnel en de Westerscheldetunnel. De overige verbruiksbelastingen worden echter geheven middels wegenbelastingen en accijnzen (belasting).
Wel bestaat er voor de scheepvaart en pleziervaart nog bruggeld en sluisgeld (schutgeld; zie ook sluiswachter). Vaak wordt dat geld geïnd met een klomp aan een hengel.
Voor een tol waarmee je speelt zie: Tol (speelgoed).