Frédéric Joliot-Curie
Wetenschapper | |||
![]() | |||
Frédéric Joliot-Curie | |||
Persoonlijke info | |||
---|---|---|---|
Volledige naam | Frédéric Joliot-Curie | ||
Geboren | 19 maart 1900 | ||
Geboorteplaats | Parijs | ||
Geboorteland | ![]() | ||
Overleden | 14 augustus 1958 | ||
Overleden te | Parijs | ||
Gehuwd met / relatie |
Irène Joliot-Curie (1926) | ||
Bekend van | |||
Vakgebied | Natuurkunde, Scheikunde | ||
Bekend van | Frans natuurkundige en Nobelprijswinnaar samen met Irène Joliot-Curie voor zijn synthese (kunstmatige aanmaak) van nieuwe radioactieve elementen | ||
|
Jean Frédéric Joliot-Curie (geboren Joliot) werd geboren in Parijs, op 19 maart 1900. Hij overleed ook in Parijs, op 14 augustus 1958. Hij was een Frans natuurkundige en Nobelprijswinnaar voor de Scheikunde.
Hij werd in 1925 assistent van Marie Curie bij het Radium Instituut. Hij werd verliefd op haar dochter Irène Joliot-Curie, en kort na hun huwelijk in 1926 voegde ook Frédéric -Curie aan zijn achternaam toe. Samen met zijn vrouw werkte hij aan de structuur van het atoom, in het bijzonder die van de kernen. Zij ontdekten het neutron en het positron. Hun grootste ontdekking was de kunstmatige radioactiviteit waarvoor ze in 1935 ze de Nobelprijs voor de Scheikunde kregen. Hun onderzoek maakten kernsplijting mogelijk en de daaropvolgende ontwikkeling van zowel kernenergie als de atoombom. In 1937 verliet hij het Radium Instituut om hoogleraar te worden aan het Collège de France. Daar werkte hij aan kettingreacties en de benodigdheden voor het maken van een kerncentrale, die kernsplijting gebruikt om energie te maken door middel van uranium en zwaar water. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog wist hij alle aantekeningen en documentatie naar Engeland te smokkelen. Na de oorlog in 1948, leidde hij de bouw van de eerste Franse atoomreactor.
In 1956 overleed zijn vrouw. Het was in deze tijd dat ook zijn gezondheid achteruit begon te gaan en hij stierf op 14 augustus 1958 aan een leverziekte die, net als de doodsoorzaak van zijn vrouw, wordt toegeschreven aan overmatige blootstelling aan straling.