Slag aan de Marne

Uit Wikikids
Naar navigatie springenNaar zoeken springen
Duitse soldaten in de aanval aan de Marne

De Slag aan de Marne (5 tot 12 september 1914) was een van de grootste veldslagen uit de Eerste Wereldoorlog (1914-1918). Hier werd de Duitse opmars door de Fransen en de Britten gestuit en ging de oorlog over in een loopgravenoorlog. Het was ook de eerste veldslag die een oorlog aan het begin besliste in plaats van aan het einde.

Wijzigingen in het Duitse aanvalsplan

De Marne is een rivier in Noord-Frankrijk. Vijf Duitse legers achtervolgden de terugtrekkende geallieerden tot aan en over deze rivier. De Franse regering had Parijs al in paniek verlaten. Maar de zegetocht van de Duitsers leek ten einde. De Duitse opperbevelhebber, graaf von Moltke, had twee legerkorpsen aan de Duitse rechtervleugel van de aanvalslinie onttrokken. Die werden naar de Duitse oostgrens gestuurd om tegen de Russen te vechten. Door deze verzwakking moest de frontlijn worden ingekort. Daardoor kon de rechtervleugel niet, zoals in het oorspronkelijke Schlieffenplan de bedoeling was, met een grote boog achter Parijs langs naar binnen zwenken. Nu moest de rechtervleugel, het westelijke gedeelte van de aanvalslinie dus, veel dichter om Parijs heen naar het oosten afbuigen. Het gevolg was natuurlijk dat de vijandelijke troepen, die in het Schlieffenplan werden "opgeveegd", nu voor een deel buiten de omklemming bleven. Dat gaf de Fransen de mogelijkheid tot een flankaanval op de Duitse rechtervleugel.

Een geniaal idee!

De beroemde Parijse taxi hielp daaraan mee. Juist toen iedereen de moed al had opgegeven, kreeg de Franse generaal Galliéni plotseling een geniaal idee. Hij eiste alle taxi's in Parijs op om soldaten naar het front te vervoeren. Op deze wijze werden snel duizenden reserves aangevoerd en keerden de kansen in geallieerd voordeel.

De Franse aanval

Op de ochtend van de 6de september vond een krachtige aanval op de Duitse rechtervleugel en het centrum plaats, die niet meer een aaneensluitende linie vormden. Het was de bedoeling deze vleugel af te snijden en dan verder van links naar rechts met het hele Duitse leger af te rekenen.

De Duitsers trekken terug

De aanval van de Fransen leidde niet tot het verwachte resultaat. Wel werd het Duitse leger teruggedrongen, maar omdat het op 9 september was gereorganiseerd, kon het een tegenaanval uitvoeren op de linkervleugel van de Fransen, die moesten terugtrekken. De Duitsers wilden nu echt doordrukken, toen er plotseling op de middag van die dag door het hoofdkwartier bevel werd gegeven tot een algehele terugtocht. De reden hiervan was de opening in de Duitse linie. De Fransen en Engelsen rukten op. De Duitse linie was feitelijk doorbroken. Om te voorkomen dat de geallieerden via die opening de Duitsers in de rug zouden aanvallen, besloten die de strijd af te breken en naar de Marne terug te keren.

Frankrijk herademt

De Slag aan de Marne had een buitengewone betekenis voor Frankrijk. Het Franse leger werd gered van een omsingeling, de hoofdstad Parijs gevrijwaard van een vreselijke aanval en het vertrouwen van de Franse bevolking, die tussen hoop en vrees had geleefd, nam enorm toe. De verliezen waren evenwel groot. Het aantal slachtoffers aan beide zijden wordt geschat op 250.000 man.

De hoop, dat de Duitsers nu wel Frankrijk zouden verlaten, ging echter niet in vervulling. De Fransen verlengden daarop hun front om dat van de Duitsers te overvleugelen. Maar die deden hetzelfde, zodat de gevechtslinie zich al verder en verder uitstrekte. In het midden van oktober 1914 was de kust bereikt. De oorlog was een loopgravenoorlog geworden.

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Slag_aan_de_Marne&oldid=517848"