Kleurenblindheid

Uit Wikikids
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Kleurenblind is een afwijking aan je ogen. Als je deze afwijking hebt, kun je niet goed kleuren zien.

Kleuren zien

Je ogen zijn belangrijke zintuigen. Veel mensen denken dat je met je ogen ziet. Dat klopt ook wel voor een deel, maar eigenlijk zie je met je hersenen. Als je je ogen open hebt, schijnt er licht door je pupil op je netvlies. In het netvlies zorgen zenuwcellen ervoor dat het licht wordt omgezet naar signalen. Die signalen gaan vervolgens door je oogzenuw naar je hersenen. Pas in de hersenen worden al die signalen samengevoegd en wordt er één beeld van gemaakt.

 

Kegeltjes
Afbeelding 1 Boven: wat iemand zonder kleurenblindheid ziet. Linksonder: hoe een 'rood-kleurenblinde' de foto boven ziet. Rechtsonder: hoe een 'groen-kleurenblinde' die ziet.

De zenuwcellen die ervoor zorgen dat je kleuren ziet, noemen we kegeltjes. Er zijn drie verschillende soort kegeltjes:

* Kegeltjes die rood licht opvangen

* Kegeltjes die groen licht opvangen

* Kegeltjes die blauw licht opvangen

Alle andere kleuren, zoals oranje en paars, kunnen we waarnemen, doordat twee of drie kleuren licht worden opgevangen. Als je rood en groen licht samen ziet, wordt dat in de hersenen als geel gezien. Als er meer rood licht wordt opgevangen dan groen licht, zie je oranje. Dit werkt eigenlijk hetzelfde als het mengen van kleuren met bijvoorbeeld verf.

Geen kleuren

Bij kleurenblindheid kan iemand één of meerdere kleuren niet herkennen. Eigenlijk is kleurenblindheid een verkeerde naam, want iemand kan wel kleuren zien, maar veel minder kleuren dan iemand die niet kleurenblind is. Toch noemen we het zo.

De meeste mensen die kleurenblind zijn, kunnen geen rood of groen licht opvangen. Dit betekent ze tussen heel veel kleuren geen verschil kunnen zien. Kijk maar eens op de afbeelding hiernaast.

Testen
Afbeelding 2 Welk getal staat hier?

Of je kleurenblind bent, kun je makkelijk testen. Op afbeelding 2 staat een getal in het rondje. Mensen die kleurenblind zijn, kunnen het getal niet herkennen.

Vaker bij mannen

Kleurenblindheid komt veel vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. Bij mannen is 1 op de 12 kleurenblind, bij vrouwen is dit 1 op de 250. Groot verschil dus! Om erachter te komen waarom het verschil zo groot is, moeten we kijken naar het DNA.

DNA

In het DNA staat alle informatie over jou opgeslagen, bijvoorbeeld je haarkleur, hoe lang je wordt en hoe groot je oren zijn. Een stukje DNA noem je een chromosoom. Twee belangrijke chromosomen zijn de X- chromosoom en de Y-chromosoom. In het DNA staat ook de informatie over het zien van kleuren. Die informatie staat op het X-chromosoom. Als je informatie er niet is, zijn jongens meteen kleurenblind, want ze hebben maar één X-chromosoom. Meisjes hebben 2 X-chromosomen, dus als bij de ene chromosoom geen informatie is, staat het waarschijnlijk wel op de ander.

Gevaarlijk

Voor mensen die kleurenblind zijn, is het verkeer best onveilig. Er wordt wel rekening gehouden met kleurenblinden. Bij een stoplicht is het rode licht altijd boven en het groene licht onder. Dus ook al zien ze geen verschil tussen de kleuren, door de plaats van het licht weten ze wel wat er bedoeld wordt. Maar bij een spoorwegovergang is dit anders. Het rode licht zit hier onder, heel gevaarlijk dus als je dat niet weet!

Onhandig

Ook in het dagelijks leven is het best lastig om kleurenblind te zijn. Ook op school. Kinderen die kleurenblind zijn zien geen verschil tussen de kleurpotloden. De meesten kunnen wel blauw en geel zien, maar de rest ziet hetzelfde uit. Ook als ze met de atlas werken, hebben ze bijvoorbeeld moeite met het aflezen van een kaart of grafiek, omdat er kleuren worden gebruikt waartussen ze geen verschil zien.

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Kleurenblindheid&oldid=575140"