Ōtsuzumi

Uit Wikikids
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Twee Japanse handtrommels, namelijk de ōtsuzumi (links) en de kotsuzumi (rechts)

De Ōtsuzumi (Japans: 大鼓) , ook bekend als de Ōkawa (大皮) , is een zandlopervormige trommel uit Japan. Het is een grotere versie van de tsuzumi (鼓), of kotsuzumi (de kleine tsuzumi: 小鼓) en wordt gebruikt in traditioneel Japans theater en volksmuziek. Het uiterlijk is iets anders dan dat van de tsuzumi, en het geluid verschilt enorm van elk van de vier geluiden die de kotsuzumi maakt. Terwijl de kotsuzumi kleiner is en een sierlijker drumvel heeft, is de ōkawa groter en heeft zijn vel een meer effen, leerachtig uiterlijk. Het geluid is ook hoger en scherper in toonhoogte, en lijkt meer op een droge, bijna metalen "crack" dan het zachtere "pon" -geluid van de tsuzumi. De zandloperstructuur is iets groter en heeft een grotere uitstekende "knop" in het midden. Dit in tegenstelling tot die van de kotsuzumi, die een gladgestreken middengedeelte heeft. De koppen (vellen) van de trommel zijn zeer strak gespannen, waardoor er geen ruimte is voor verdere spanning en aanpassingen in het geluid. Dit type trommel is ontstaan in India en in de vroege middeleeuwen (7e eeuw) via China in Japan gekomen, waar het werd gebruikt in de hof-muziek.

De drumvellen zijn gemaakt van dik, stijf paardenleer, afkomstig van volwassen paarden, en de zorg voor de drumvellen van de ōkawa is bijzonder omdat ze altijd droog gehouden moeten worden. Bij de kleinere kotsuzumi daarentegen moeten de drumvellen altijd vochtig zijn. Aangezien het geluid van de ōkawa bedoelt is voor een hogere toonhoogte, moet de speler ervoor zorgen dat de huid van de drumvellen zo strak mogelijk blijft, en dit wordt het best voor elkaar wordt gekregen wanneer de drumvellen droog worden gehouden. Om de drumvellen droog te houden, worden ze vaak verwarmd in de buurt van een soort oude Japanse oven (hibachi), niet minder dan een uur voor de voorstelling. Als hij klaar is om te spelen, neemt de speler de drumvellen en bindt ze zo strak mogelijk aan het lichaam van de ōkawa met behulp van een dik, zwaar henneptouw, en gebruikt een soort dunner zijden touw om het touw dat de drumvellen vasthoudt nog strakker te trekken en geef de speler meteen houvast. Voordat de voorbereiding is afgerond wordt er een sierhenneptouw met lange kwastjes op de trommel aangebracht. Gezien de eigenschappen van de drumvellen van de ōkawa, moeten ze na een bepaald aantal keren vervangen worden. Omdat ze erg duur zijn, minstens 800 Euro per paar, moet de ōkawa-speler bijhouden hoe vaak en hoe lang het instrument wordt bespeeld. Als de drumvellen goed worden verzorgd, kunnen ze maar liefst tien optredens worden gebruikt. Als de drumvellen gebruikssporen krijgen, en hun gewenste geluidskwaliteit achteruit loopt, moeten ze worden vervangen.

Net als de tsuzumi wordt de ōkawa ook met de blote handen van een speler geslagen. Omdat de drumvellen erg strak gespannen zijn, doet het vaak pijn om te drummen en moet er eelt op de vingers van de speler worden ontwikkeld om comfortabel te kunnen spelen. Het eelt moet worden verzorgd, af en toe met een mes geschaafd voordat het te dik wordt. De meeste spelers gebruiken hertenleer op de palm van hun hand om hun handpalm te beschermen en het geluid te verbeteren. Ze dragen ook 'fingerstalls' (een soort vingerhoedjes) gemaakt van meerdere lagen Japans washi- papier, gehard met zetmeel, op hun vingers.

Links

Afkomstig van Wikikids , de interactieve Nederlandstalige Internet-encyclopedie voor en door kinderen. "https://wikikids.nl/index.php?title=Ōtsuzumi&oldid=670293"